|
|
|

Overzicht van de wettelijke en reglementaire beschikkingen van 2008

Federale Overheidsdienst Justitie (B.S. 21.03.2008)
Bericht over de indexering van de bedragen vermeld in artikel 1, vierde lid, van het koninklijk besluit van 27.12.2004 ter uitvoering van artikel 1409, § 1, vierde lid, en 1409, § 1bis, vierde lid, van het Gerechtelijk Wetboek inzake de beperking van de inbeslagneming wanneer er kinderen ten laste zijn.

06.04.2008. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 09.04.2007 tot verhoging van sommige pensioenen en tot toekenning van een welvaartsbonus aan sommige pensioengerechtigd (B.S. van 21.04.2008)

08.06.2008. – Programmawet (B.S. van 16.06.2008)
Inzake de solidariteitsbijdrage op de pensioenen wordt in artikel 68 van de wet van 30.03.1994 houdende sociale bepalingen, vervangen bij het koninklijk besluit van 16.12.1996 en gewijzigd bij de wet van 13.06.1997, bij het koninklijk besluit van 20.07.2000, bij de wetten van 12.08.2000, 02.01.2001 en 09.07.2004, bij het koninklijk besluit van 18.10.2004, bij de wet van 27.03.2006, en bij het koninklijk besluit van 28.12.2006, een § 10 ingevoegd, luidend als volgt : " § 10. De Koning kan, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad en volgens de door hem bepaalde modaliteiten, de in § 2 bedoelde afhoudingen herleiden en opheffen met uitwerking op 01.07.2008. De machtiging die deze paragraaf aan de Koning toekent, verstrijkt op 31.12.2008. De besluiten die zijn genomen ter uitvoering van deze machtiging houden op uitwerking te hebben indien ze niet bekrachtigd zijn bij wet binnen twaalf maanden na de datum van hun inwerkingtreding."

12.06.2008. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 09.04.2007 tot verhoging van sommige pensioenen en tot toekenning van een welvaartsbonus aan sommige pensioengerechtigden (B.S. van 09.07.2008)

12.06.2008. - Koninklijk besluit tot verhoging van het gewaarborgd minimumbedrag van het rust- en overlevingspensioen voor werknemers (B.S. van 09.07.2008)
De bedragen van 11.765,82 EUR en van 9.415,62 EUR, bedoeld in artikel 152 van de wet van 8 augustus 1980 betreffende de budgettaire voorstellen 1979-1980, en het in artikel 153 van dezelfde wet bedoelde bedrag van 9.267,58 EUR worden met ingang van 1 juli 2008 respectievelijk vervangen door de bedragen van 12.001,14 EUR, 9.603,93 EUR en 9.452,93 EUR.

17.06.2008. - Koninklijk besluit tot verhoging van het bedrag bedoeld in artikel 6, § 1, van de wet van 22 maart 2001 tot instelling van een inkomensgarantie voor ouderen (B.S. van 10.07.2008)
Het bedrag bedoeld in artikel 6, § 1, van de wet van 22.03.2001 tot instelling van een inkomensgarantie voor ouderen, wordt op 1.07.2008 gebracht op 5.763,75 EUR.

01.07.2008. - Koninklijk besluit tot vaststelling van het bedrag van de dagelijkse forfaitaire en fictieve bezoldiging met betrekking tot de jaren 2005 en 2006 in aanmerking te nemen voor de berekening van het rustpensioen van de grens- en seizoenwerknemers en van het overlevingspensioen van hun langstlevende echtgenoot (B.S. van 15.07.2008)
Dit besluit treedt in werking op 1.07.2008 en wijzigt de bedragen van de afhoudingen op de pensioenen inzake de solidariteitsbijdragen.

01.07.2008. - Koninklijk besluit tot uitvoering van artikel 68, § 10, van de wet van 30.03.1994 houdende sociale bepalingen (B.S. van 24.07.2008)

Federale Overheidsdienst Sociale Zekerheid (B.S. van 09.09.2008)
Aanpassing buiten index op 1.07.2008 van het bedrag van sommige sociale uitkeringen Aan het spilindexcijfer 108,34 (basis 2004 = 100) wordt, vanaf 1.07.2008, het bedrag van de volgende sociale uitkeringen vastgelegd op :

B. Pensioenen

I. Regeling voor werknemers (jaarbedragen)

Krachtens het koninklijk besluit van 12.06.2008 tot verhoging van het gewaarborgd minimumbedrag van het rust- en overlevingspensioen voor werknemers :

Gewaarborgd minimumpensioen voor een volledige werknemersloopbaan :

a) rustpensioen :

gezinsbedrag : 14.342,56 EUR

bedrag alleenstaande : 11.477,66 EUR

b) overlevingspensioen : 11.297,20 EUR

II. Regeling voor zelfstandigen (jaarbedragen)

Krachtens artikel 23 van de programmawet van 8 juni 2008 :

a) minimum voor een gezinspensioen : 13.507,01 EUR

b) minimum voor een pensioen als alleenstaande of een overlevingspensioen : 10.162,45 EUR

III. Inkomensgarantie voor ouderen (jaarbedragen)

Krachtens het koninklijk besluit van 17.06.2008 tot verhoging van het bedrag bedoeld in artikel 6, § 1, van de wet van 22.03.2001 tot instelling van een inkomensgarantie voor ouderen :

a) basisbedrag (samenwonend) : 6.888,26 EUR

b) basisbedrag x 1,5 (alleenstaand) : 10.332,39 EUR

22.07.2008. - Ministerieel besluit tot wijziging van het ministerieel besluit van 25.04.1990 tot uitvoering van het koninklijk besluit van 30.03.1990 tot uitvoering van sommi-ge bepalingen betreffende het heffen van een bijzondere werkgeversbijdrage op het conventioneel brugpensioen (B.S. van 26.09.2008)

21.08.2008. - Koninklijk besluit tot wijziging van artikel 64 van het koninklijk besluit van 21.12.1967 tot vaststelling van het algemeen reglement betreffende het rust- en overlevingspensioen voor werknemers (B.S. van 26.09.2008)
In artikel 64 van het koninklijk besluit van 21.12.1967 tot vaststelling van het algemeen reglement betreffende het rust- en overlevingspensioen voor werknemers, laatst gewijzigd bij het koninklijk besluit van 15.12.2006, worden de volgende wijzigingen aangebracht :

1° De in § 2, A, bedoelde bedragen van 17.149,20 EUR en 13.719,35 EUR, worden vanaf het jaar 2008 respectievelijk gebracht op 21.436,50 EUR en 17.149,19 EUR;

2° In § 2, C, worden de volgende wijzigingen aangebracht

1° in 1°, wordt het bedrag " 16.000 EUR " vervangen door het bedrag " 17.280 EUR ",

2° in 2°, wordt het bedrag " 12.800 EUR " vervangen door het bedrag " 13.824 EUR ",

3° in 3°, wordt het bedrag " 16.000 EUR " vervangen door het bedrag " 17.280 EUR ", "

3° In § 3, worden de volgende wijzigingen aangebracht :

1° In het eerste lid wordt het bedrag van 12.800 EUR telkens vervangen door het bedrag van 13.824 EUR.

2° Het eerste lid wordt aangevuld met de volgende zin : " Het in dit lid bedoelde bedrag van 10.845,34 EUR, voor het jaar 2006 gebracht op 12.472,14 EUR en voor het jaar 2007 gebracht op 13.719,35 EUR, wordt, vanaf het jaar 2008, gebracht op 17.149,19 EUR. "

4° § 3, tweede lid, wordt vervangen als volgt :

" Het in § 2, B, 1° en 3° beoogde bedrag wordt met 3.710,80 EUR verhoogd wanneer de gerechtigde, die een in de § 2, A, 1° of 3° beoogde bezigheid uitoefent, de hoofdzakelijke last heeft van ten minste één kind in de voorwaarden die, overeenkomstig artikel 48, vereist zijn voor de langstlevende echtgenoten die uit dien hoofde de toekenning van een overlevingspensioen aanvragen alvorens de leeftijd van 45 jaar te hebben bereikt. Wanneer die gerechtigde een in § 2, A, 2° of een in het eerste lid, beoogde bezigheid uitoefent, wordt het in § 2, B, 2° en het in het eerste lid, beoogde bedrag verhoogd met 2.968,63 EUR. Voor de gerechtigde bedoeld in § 2, A, worden de bedragen van 3.710,80 euro en 2.968,63 EUR verhoogd tot respectievelijk 4.638,50 EUR en 3.710,79 EUR. Voor de toepassing van dit lid moet op 1 januari van het beschouwde jaar aan de vermelde voorwaarden worden voldaan. Voor de betrokkenen bedoeld in § 2, C, worden de be-dragen van 3.710,80 EUR en 2.968,63 EUR verhoogd tot respectievelijk 4.320 EUR en 3.456 EUR. "

Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1.01.2008.

30.08.2008. - Koninklijk besluit tot verhoging van sommige pensioenen en tot wijziging van het koninklijk besluit van 09.04.2007 tot verhoging van sommige pensioenen en tot toekenning van een welvaartsbonus aan sommige pensioengerechtigden (B.S. van 26.09.2008)
De pensioenen in de werknemersregeling en in de regeling voor zelfstandigen die daadwerkelijk en voor de eerste maal na 31.12.2002 en vóór 1.01.2004 zijn ingegaan worden met uitwerking op 1.09.2008 met 2 % verhoogd.

18.09.2008. - Koninklijk besluit tot verhoging van het bedrag bedoeld in artikel 6, § 1, van de wet van 22.03.2001 tot instelling van een inkomensgarantie voor ouderen (B.S. van 23.10.2008)
Het bedrag bedoeld in artikel 6, § 1, van de wet van 22.03.2001 tot instelling van een inkomensgarantie voor ouderen, wordt op 01.10.2008 gebracht op 5.813,96 EUR.

Dit besluit treedt in werking op 01.10.2008.

22.10.2008. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 01.02.2007 tot instelling van een pensioenbonus (B.S. van 12.11.2008)

22.10.2008. - Koninklijk besluit houdende benoeming van de voorzitter van de Raad voor uitbetaling van de voordelen, opgericht bij de Rijksdienst voor Pensioenen (B.S. van 12.11.2008)

08.12.2008. - Koninklijk besluit tot uitvoering van artikel 1409, § 2, van het Gerechtelijk Wetboek (B.S. van 12.12.2008)
De bedragen die niet voor beslag vatbaar zijn worden aangepast aan het indexcijfer van de consumptieprijzen volgens een formule voor de jaarlijkse aanpassing.

FEDERALE OVERHEIDSDIENST JUSTITIE (B.S. van 19.12.2008)
Bericht over de indexering van de bedragen vermeld in artikel 1, vierde lid, van het koninklijk besluit van 27.12.2004 ter uitvoering van artikel 1409, § 1, vierde lid, en 1409, § 1bis, vierde lid, van het Gerechtelijk Wetboek inzake de beperking van de inbeslagneming wanneer er kinderen ten laste zijn.

22.12.2008. - Programmawet (B.S. van 29.12.2008)
Het artikel 87 beschikt dat het artikel 3, eerste lid, van het koninklijk besluit nr. 33 van 30.03.1982 betreffende een inhouding op invaliditeitsuitkeringen, gewijzigd bij koninklijk besluit nr. 52 van 02.07.1982 en bij de wetten van 29.04.1996 en 03.07.2005, wordt aangevuld met de volgende zin : "Voor de vorderingen die, met toepassing van de verjaringstermijn van vijf jaar, nog niet verjaard zijn op de datum van inwerkingtreding van artikel 41 van de wet van 3 juli 2005 houdende diverse bepalingen betreffende het sociaal overleg, maar die met toepassing van de nieuwe verjaringstermijn van drie jaar wel verjaard zijn, wordt de datum van verjaring vastgesteld op 1.01.2009."

22.12.2008. - Wet houdende diverse bepalingen (B.S. van 29.12.2008)
Het artikel 64 behandelt de wijziging van de wet van 22.03.2001 tot instelling van een inkomensgarantie voor ouderen de stabilisering van het bedrag van het gewaarborgd inkomen.

Artikel 18 van de wet van 22.03.2001 tot instelling van een inkomensgarantie voor ouderen wordt vervangen als volgt : "Art. 18. § 1. Onverminderd de bepalingen van artikel 10 van de wet van 01.04.1969 tot instelling van een gewaarborgd inkomen voor bejaarden, blijven de personen die conform de bepalingen van de hogervermelde wet op 1.04.2009 gerechtigd zijn op het gewaarborgd inkomen, dit inkomen genieten op basis van het bedrag van maart 2009 totdat er voor hen, op aanvraag of ambtshalve, een beslissing bij toepassing van deze wet wordt genomen ter gelegenheid van een herziening van hun recht ingevolge de toekenning van een pensioen of voordeel zoals bedoeld in artikel 10 van de hogervermelde wet of als gevolg van een verhoging van de bestaanmiddelen.

§ 2. Het in het paragraaf 1 bedoeld bedrag varieert conform de bepalingen van de wet van 02.08.1971 houdende inrichting van een stelsel waarbij de wedden, lonen, pensioenen, toelagen en tegemoetkomingen ten laste van de Openbare Schatkist, sommige sociale uitkeringen, de bezoldigingsgrenzen waarmee rekening dient gehouden bij de berekening van sommige bijdragen van de sociale zekerheid der arbeiders, alsmede de verplichtingen op sociaal gebied opgelegd aan de zelfstandigen, aan het indexcijfer van de consumptieprijzen worden gekoppeld."