|
|
|

Pensioenstatistieken 2019

Hierna geven we u een overzicht van de belangrijkste pensioenstatistieken. Onze statistieken zijn momenteel nog opgesplitst in 2 delen:
 

 

Pensioenstatistieken werknemers en zelfstandigen

Globaal overzicht van de uitkeringsgerechtigden en de maandelijkse uitgaven

Verdeling en evolutie van de pensioengerechtigden

Op 1 januari 2019 betaalden we aan 2 150 758 gerechtigden een pensioenuitkering (overgangsuitkering inbegrepen). Dat is 8,65 % meer dan op 1 januari 2015. Dit aantal neemt elk jaar toe.

Grafiek evolutie van het aantal pensioengerechtigden

 

Verdeling en evolutie van de pensioengerechtigden volgens het type loopbaan

Verdeling van de pensioengerechtigden volgens het type loopbaan

Van de pensioengerechtigden die door ons uitbetaald zijn, ontving 64,32 % een pensioen op basis van een 'zuivere' loopbaan (werknemer of zelfstandige). 35,68 % had dus een 'gemengde loopbaan', dat wil zeggen dat ze in minstens 2 van de 3 algemene pensioenstelsels gewerkt hebben.

Grafiek verdeling volgens type loopbaan op 1 januari 2019

 

Evolutie van de pensioengerechtigden volgens het type loopbaan

Het totale aantal gepensioneerden met een zuivere werknemersloopbaan steeg tussen 2015 en 2019 met 8,12 % en het aantal gemengde loopbanen steeg met 12,02 %. Het aantal gepensioneerden dat alleen als zelfstandige werkte, daalde in dezelfde periode met 7,48 %. Deze tendens doet zich zowel bij de mannen als bij de vrouwen voor.

Jaar
Geslacht Stelsel 2015 2016 2017 2018 2019
Mannen zuiver werknemer 566 740 575 899 582 701 593 415 608 278
zuiver zelfstandige 52 132 51 285 50 111 49 451 48 877
gemengd 332 855 342 927 349 346 367 399 379 897
Vrouwen alleen werknemer 623 749 636 299 647 770 661 372 678 890
alleen zelfstandige 51 936 50 853 49 783 48 641 47 406
gemengd 352 138 358 643 363 035 377 919 387 410
Algemeen totaal 1 979 550 2 015 906 2 042 746 2 098 197 2 150 758

Grafiek evolutie van het aantal pensioengerechtigden volgens geslacht en loopbaantype

 

Verdeling en evolutie van de pensioengerechtigden volgens het type pensioen

Verdeling van het aantal pensioengerechtigden volgens het type pensioen

Op 1 januari 2019 ontving 58,37 % van de vrouwen en 70,75 % van de mannen een eigen rustpensioen als alleenstaande. Slechts 0,19 % van de vrouwen, tegenover 27,35 % van de mannen, heeft een pensioen als gezin, dit wil zeggen voor beide partners van het koppel samen (omdat het eigen rustpensioen van de huwelijkspartner te laag of onbestaande is). De anderen ontvangen een overlevingspensioen, eventueel gecumuleerd met een eigen rustpensioen.

Het aantal personen dat een overgangsuitkering ontvangt, blijft gering omdat deze uitkering specifiek en tijdelijk is.

Grafiek verdeling volgens type pensioen op 1 januari 2019

 

Evolutie van de pensioengerechtigden volgens het type pensioen

In deze evolutie zien we een duidelijke toename van het aantal vrouwen op de arbeidsmarkt, op basis van verschillende parameters:

  • een vermindering van het aantal gezinspensioenen bij de mannen (- 9,71 % tussen 2015 en 2019);
  • een verhoging van het aantal 'alleenstaande' pensioenen (+ 18,24 % bij de mannen en + 21,12 % bij de vrouwen);
  • een vermindering van het aantal overlevingspensioenen bij de vrouwen (- 15,33 %).

 

jaar
geslacht stelsel 2015 2016 2017 2018 2019
Vrouwen Rust-gezin 1 558 1 636 1 790 1 925 2 132
Rust-alleenstaande 536 679 561 607 582 863 617 538 650 023
Rust en overleving 279 228 279 678 280 621 281 171 282 383
Overleving 210 333 202 373 194 317 186 259 178 096
overgangsuitkering 25 501 997 1 039 1 072
Mannen Rust-gezin 314 071 305 625 298 372 290 947 283 589
Rust en overleving 13 693 14 414 14 783 15 426 16 020
Rust-alleenstaande 620 518 646 545 665 350 700 182 733 682
overleving 3 441 3 460 3 523 3 571 3 600
overgangsuitkering 4 67 130 139 161

Grafiek evolutie van het aantal pensioengerechtigden volgens geslacht en type pensioen

 

Verdeling en evolutie van de pensioengerechtigden volgens verblijfplaats

Op 1 januari 2019 was 90,57 % van de pensioengerechtigden die door ons betaald werden, gedomicilieerd in België en slechts 9,43 % van hen verbleef in het buitenland. Deze verdeling blijft nagenoeg stabiel in de tijd.

Grafiek evolutie volgens verblijfplaats

In Frankrijk en Italië tellen we het grootste aantal gepensioneerden (regeling werknemers en zelfstandigen) die buiten België verblijven. Daarna volgen Spanje en Nederland. Als we de analyse beperken tot de gepensioneerden die buiten Europa verblijven, tellen we het grootste aantal gepensioneerden in Turkije en Marokko, gevolgd door Canada en de Verenigde Staten.

rangschikking continent land aantal
1 EU Frankrijk 53 697
2 EU Italië 31 701
3 EU Spanje 23 900
4 EU Nederland 23 093
5 EU Duitsland 12 334
6 EU Groot-Brittannië 4 830
7 EU Griekenland 4 593
8 EU GH Luxemburg 3 719
9 EU Portugal 3 481
10 EU Polen 1 136

 

rangschikking continent land aantal
1 buiten EU Turkije 7 025
2 buiten EU Marokko 5 944
3 buiten EU Canada 4 430
4 buiten EU Verenigde Staten 3 668
5 buiten EU Zwitserland 2 743

 

Verdeling en evolutie van de nieuwe gestorte uitkeringen in 2019

In 2019 hebben we 189 723 nieuwe uitkeringen uitbetaald. Dat zijn er 2 670 minder dan in 2018. Het gaat om nieuwe voordelen die in 2019 ingegaan zijn en die in betaling waren op 1 januari van het volgende jaar.

Verdeling van de nieuwe gestorte uitkeringen in 2019

De nieuwe uitkeringen die we uitbetaalden in 2019, zijn vooral werknemerspensioenen (76,67 %) ten opzichte van slechts 17,67 % zelfstandigenpensioenen en 4,67 % IGO-uitkeringen.

Grafiek verdeling van de nieuwe gestorte uitkeringen

 

Evolutie van de nieuwe gestorte uitkeringen in 2019

Tussen 2015 en 2019 steeg het aantal nieuwe rustpensioenen voor de vrouwen en de mannen met respectievelijk 12,29 % en 16,54 %.

De tendens is eerder dalend voor de vrouwen: - 2,67 % voor de overlevingspensioenen en - 0,18 % voor de IGO-uitkeringen.

Voor dezelfde periode stellen we bij de mannen een toename vast van het aantal overlevingspensioenen met + 8,16 % en een lichte daling van het aantal IGO-uitkeringen met - 1,67 %.

  Vrouwen Mannen
rust overleving IGO rust overleving IGO
2015 62 942 25 918 5 495 71 004 2 035 3 421
2016 65 596 26 397 5 504 74 250 2 039 3 289
2017 69 409 26 217 5 621 77 604 2 106 3 477
2018 73 307 26 365 5 296 81 966 2 209 3 250
2019 70 677 25 227 5 505 82 749 2 201 3 364

Grafiek evolutie van de nieuwe gestorte uitkeringen volgens geslacht 

 

Verdeling en evolutie volgens leeftijd op moment van pensionering

De volgende tabel geeft de voorwaarden weer voor toegang tot het vervroegd pensioen. Voor de hervormingen in 2011 en 2015 golden er overgangsmaatregelen.

normale loopbaan lange loopbaan
  Minimumleeftijd minimumloopbaan minimumleeftijd minimumloopbaan
in 2013 60 jaar en 6 maanden 38 jaar 60 jaar 40 jaar
in 2014 61 jaar 39 jaar 60 jaar 40 jaar
in 2015 61 jaar en 6 maanden 40 jaar 60 jaar 41 jaar
in 2016 62 jaar 40 jaar 60 jaar
61 jaar
42 jaar
41 jaar
in 2017 62 jaar en 6 maanden 41 jaar 60 jaar
61 jaar
43 jaar
42 jaar
in 2018 63 jaar 41 jaar 60 jaar
61 jaar
43 jaar
42 jaar
in 2019 63 jaar 42 jaar 60 jaar
61 jaar
44 jaar
43 jaar

 

Op welke gepensioneerden is deze specifieke analyse van toepassing?

De gepensioneerden:

  • die hun rustpensioen opgenomen hebben in de pensioenregeling voor werknemers en/of zelfstandigen;
  • en van wie het rustpensioen betaald werd op 1 januari van het jaar volgend op de ingangsdatum.

 

Op welke gepensioneerden is deze specifieke analyse niet van toepassing?

De gepensioneerden die:

  • een pensioen ontvangen in een speciaal stelsel;
  • een buitenlands pensioen ontvangen;
  • een pensioen ten laste van de openbare sector ontvangen;
  • een pensioen van uit de echtgescheiden huwelijkspartner ontvangen.

 

Evolutie volgens de leeftijd op het moment van pensionering (zuivere loopbaan werknemers):

  60 61 62 63 64 65 66 en ouder
2014 17,44 % 3,58 % 3,13 % 2,25 % 2,06 % 66,88 % 4,67 %
2015 19,01 % 4,03 % 4,51 % 2,64 % 1,83 % 63,26 % 4,72 %
2016 16,85 % 5,06 % 5,73 % 3,05 % 1,78 % 62,93 % 4,59 %
2017 15,12 % 5,91 % 7,90 % 3,54 % 1,93 % 60,96 % 4,65 %
2018 17,89 % 9,42 % 5,71 % 3,74 % 2,06 % 56,71 % 4,47 %
2019 13,06 % 9,60 % 8,86 % 7,39 % 4,26 % 52,50 % 4,33 %

 Grafiek evolutie volgens leeftijd op het moment van pensionering - enkel loopbaal als werknemer

 

Evolutie volgens de leeftijd op het moment van pensionering (zuivere loopbaan zelfstandigen)

  60 61 62 63 64 65 66 en ouder
2014 5,82 % 3,60 % 3,85 % 3,85 % 4,07 % 64,47 % 14,34 %
2015 5,42 % 2,53 % 3,54 % 2,81 % 3,09 % 64,79 % 17,81 %
2016 2,46 % 3,03 % 5,08 % 2,85 % 5,79 % 65,81 % 14,99 %
2017 0,74 % 4,44 % 6,25 % 3,69  % 5,45 % 64,62 % 14,80 %
2018 1,23 % 7,96 % 5,08 % 4,07 % 5,82 % 62,33 % 13,51 %
2019 0,04 % 4,20 % 4,38 % 5,73 % 5,62 % 65,66 % 14,38 %

Grafiek evolutie volgens leeftijd op het moment van pensionering - enkel loopbaan als zelfstandige

 

Evolutie volgens de leeftijd op het moment van pensionering (gemengde loopbaan werknemer + zelfstandige)

  60 61 62 63 64 65 66 en +
2014 14,98 % 6,01 % 5,44 % 5,14 % 3,57 % 60,92 % 3,94 %
2015 14,93 % 5,08 % 7,86 % 5,00 % 3,50 % 59,36 % 4,28 %
2016 12,44 % 6,71 % 9,56 % 5,14 % 3,72 % 59,42 % 3,01 %
2017 10,78 % 7,17 % 11,97 % 6,41 % 4,02 % 56,82 % 2,83 %
2018 12,89 % 11,54 % 8,55 % 6,51 % 4,42 % 53,42 % 2,66 %
2019 8,59 % 8,30 % 9,42 % 9,10 % 4,94 % 56,91 % 2,75 %

Grafiek evolutie volgens leeftijd op het moment van pensionering - als werknemer en zelfstandige

 

Pensioenstatistieken ambtenaren

De hier vermelde pensioenstatistieken hebben betrekking op alle rust- en overlevingspensioenen die de Federale Pensioendienst beheert en betaalt.

Algemene evolutie van de begunstigden van onze ambtenarenpensioenen

Totaalaantal rust- en overlevingspensioenen voor ambtenaren

De grafieken tonen de evolutie van het aantal pensioenen voor de periode 2015-2019.

In de periode 2015-2019 steeg het aantal rustpensioenen van 408 349 naar 443 766. Het aantal overlevingspensioenen steeg van 91 675 naar 91 770.

Op 1 januari 2019 beheerden we 535 536 ambtenarenpensioenen: 443 766 rustpensioenen en 91 770 overlevingspensioenen.

grafiek aantal rustpensioenen - ambtenaren

grafiek aantal overlevingspensioenen - ambtenaren

Grafiek evolutie van de rustpensioenen en overlevingspensioenen - ambtenaren

 

Evolutie van het aantal rust- en overlevingspensioenen

De volgende grafieken tonen de evolutie van het aantal rust- en overlevingspensioenen voor ambtenaren. Het gaat om de nieuwe pensioenen die geregistreerd zijn in de periode 2015-2019 en waarvoor we een betaling uitgevoerd hebben.

Het aantal nieuwe rustpensioenen (RP) ging van 23 412 in 2015 naar 18 807 in 2019. In 2019 was er een daling ten opzichte van de vorige jaren door de hervorming van de ambtenarenpensioenen. Het aantal nieuwe overlevingspensioenen (OP) ging van 5 901 in 2015 naar 5 923 in 2019.

In 2019 kenden we 24 730 nieuwe pensioenen toe: 18 807 rustpensioenen en 5 923 overlevingspensioenen.

In 2019 was er een daling van het aantal nieuwe pensioendossiers (RP en OP) ten opzichte van 2018 door de hervorming van de ambtenarenpensioenen.

Grafiek evolutie van de nieuwe rustpensioenen - ambtenaren

grafiek evolutie van de nieuwe overlevingspensioenen - ambtenaren

Grafiek evolutie van de nieuwe rustpensioenen en overlevingspensioenen - ambtenaren

De evolutie in de tijd van het aantal ambtenarenpensioenen heeft een dubbele oorzaak. Het is het resultaat van een aanwervingsbeleid van verschillende autoriteiten op een gegeven moment en de hervorming van de ambtenarenpensioenen. In tegenstelling tot wat u misschien zou denken, is dit aantal dus niet alleen het gevolg van demografische factoren (leeftijdspiramide, levensverwachting, sterftecijfer).

De uitzonderlijke pieken kunnen ook te wijten zijn aan het feit dat de instellingen voor het eerst beheerd worden door ons (overname van de pensioenen door de FPD). Vanaf 2014 zijn de gevolgen van de nieuwe pensioenhervormingen voor ambtenaren voelbaar. Deze hervormingen droegen bij tot een daling van het aantal nieuwe pensioenaanvragen in vergelijking met de voorgaande jaren.

 

Evolutie van de totale jaarlijkse uitgaven voor de ambtenarenpensioenen

De volgende grafieken geven een beeld van de evolutie van de jaarlijkse uitgaven voor rust- en overlevingspensioenen voor ambtenaren. Omwille van de coherentie met de voorbije jaren, bevatten deze cijfers geen cijfers van HR Rail.

De grafieken tonen voor de periode 2015-2019 een normale toename van de uitgaven voor de ambtenarenpensioenen:

  • rustpensioenen: van 11 731 903 807 EUR naar 13 557 381 276 EUR;
  • overlevingspensioenen: van 1 410 853 103 EUR naar 1 435 374 677 EUR.

Voor 2019 bedragen de uitgaven voor de ambtenarenpensioenen die de Pensioendienst beheert en betaalt, 14 992 755 953 EUR, waarvan:

  • 13 557 381 276 EUR voor de rustpensioenen;
  • 1 435 374 677 EUR voor de overlevingspensioenen.

Grafiek evolutie jaarlijkse uitgaven rustpensioenen - ambtenaren

Grafiek evolutie jaarlijkse uitgaven overlevingspensioenen - ambtenaren

Grafiek evolutie jaarlijkse uitgaven rustpensioenen en overlevingspensioen - ambtenaren

De stijging van de jaarlijkse pensioenuitgaven komt vooral door de groei van het totale aantal pensioenen en het daaraan verbonden inkomen. Andere belangrijke factoren zijn de indexering (aanpassing aan de stijging van de consumptieprijzen) en de tweejaarlijkse perequatie (aanpassing aan de stijging van de bezoldiging buiten de index).

De impact van de pensioenhervorming op de jaarlijkse uitgaven van 2018 laat zich langzaam voelen. We zien inderdaad dat in 2019 de pensioenuitgaven met 2,90 % gestegen zijn ten opzichte van 2018, terwijl tot 2013, in de jaren vóór de pensioenhervorming, de gemiddelde jaarlijkse stijging in de uitgaven 6 % bedroeg ten opzichte van de voorgaande jaren.

Toch zal het effect van de hervorming waarschijnlijk op langere termijn bepalend zijn. Ter herinnering: de hervorming bevat 4 maatregelen die de jaarlijkse pensioenuitgaven moeten doen dalen of op zijn minst het aantal vervroegde pensioenen moeten inperken:

  • verhoging van de minimumleeftijd en de minimale duur van de loopbaan om van een vervroegd rustpensioen te kunnen genieten;
  • vanaf 1 januari 2012 kan in de pensioenberekening geen voordeligere loopbaanbreuk meer toegekend worden dan 1/48, én er moet rekening gehouden worden met een progressieve vermindering van de duur van de diplomabonificatie voor de bepaling van de pensioendatum;
  • hertekening van de gelijkstellingen voor loopbaanonderbrekingen, de vierdagenweek en halftijds werken voor de perioden vanaf 1 januari 2012.
  • vervanging van de refertewedde van de laatste 5 dienstjaren in de pensioenberekening door een gemiddelde wedde van de laatste 10 dienstjaren.

 

Verdeling en gemiddeld pensioenbedrag van de ambtenarenpensioenen volgens inkomensschijf

De volgende tabellen geven per inkomensschijf en volgens geslacht een overzicht van het gemiddeld maandelijks brutopensioenbedrag voor de rust- en overlevingspensioenen en van het aantal uitbetaalde pensioenen.

Aantal rustpensioenen en gemiddeld maandelijks brutobedrag (situatie op 1 januari 2019)

Rustpensioenen voor ambtenaren (HR Rail inbegrepen) – Situatie op 1 januari 2019
  MANNEN VROUWEN TOTAAL
INKOMENSSCHIJF Aantal pensioenen Gemiddeld bedrag Aantal pensioenen Gemiddeld bedrag Aantal pensioenen Gemiddeld bedrag
< 500 11 257 268,60 EUR 8 072 326,68 EUR 19 329 292,85 EUR
500 – 1 000 12 398 751,55 EUR 17 814 758,56 EUR 30 212 755,68 EUR
1 000 – 1 500 21 262 1 295,40 EUR 22 534 1 267,24 EUR 43 796 1 280,91 EUR
1 500 – 2 000 36 575 1 773,38 EUR 25 310 1 757,90 EUR 61 885 1 767,05 EUR
2 000 – 2 500 53 757 2 222,39 EUR 27 739 2 250,94 EUR 81 496 2 232,11 EUR
2 500 – 3 000 50 638 2 758,41 EUR 35 411 2 759,57 EUR 86 049 2 758,89 EUR
3 000 – 3 500 37 762 3 218,99 EUR 42 806 3 217,47 EUR 80 568 3 218,18 EUR
3 500 – 4 000 18 675 3 740,70 EUR 11 286 3 728,92 EUR 29 961 3 736,26 EUR
4 000 – 4 500 14 383 4 211,40 EUR 6 942 4 188,76 EUR 21 325 4 204,03 EUR
4 500 – 5 000 7 102 4 735,19 EUR 1 555 4 740,00 EUR 8 657 4 736,06 EUR
> 5 000 13 233 5 877,56 EUR 1 817 5 883,50 EUR 15 050 5 878,28 EUR

 

Aantal overlevingspensioenen en gemiddeld maandelijks brutobedrag (situatie op 1 januari 2019)

Overlevingspensioenen voor ambtenaren (HR Rail inbegrepen) - Situatie op 1 januari 2019
  MANNEN VROUWEN TOTAAL
INKOMENSSCHIJF Aantal pensioenen Gemiddeld bedrag Aantal pensioenen Gemiddeld bedrag Aantal pensioenen Gemiddeld bedrag
< 500 3 192 235,40 EUR 14 687 277,38 EUR 17 879 269,88 EUR
500 – 1 000 2 226 725,23 EUR 21 294 759,79 EUR 23 520 756,52 EUR
1 000 – 1 500 1 330 1 212,27 EUR 25 484 1 253,47 EUR 26 814 1 251,42 EUR
1 500 – 2 000 469 1 708,99 EUR 18 145 1 716,76 EUR 18 614 1 716,56 EUR
2 000 – 2 500 273 2 182,77 EUR 7 882 2 212,31 EUR 8 155 2 211,32 EUR
2 500 – 3 000 62 2 700,96 EUR 4 360 2 726,81 EUR 4 422 2 726,44 EUR
3 000 – 3 500 16 3 239,64 EUR 2 056 3 235,23 EUR 2 072 3 235,27 EUR
3 500 – 4 000 12 3 723,42 EUR 1 156 3 726,44 EUR 1 168 3 726,41 EUR
4 000 – 4 500 1 4 045,07 EUR 594 4 226,19 EUR 595 4 225,88 EUR
4 500 – 5 000 3 4 749,41 EUR 493 4 712,40 EUR 496 4 712,62 EUR
> 5 000 0 0,00 EUR 0 0,00 EUR 0 0,00 EUR

 

Procentuele verdeling van de nieuwe rustpensioenen voor ambtenaren volgens de reden van pensionering voor de periode 2015-2019

De onderstaande tabel geeft een overzicht van de procentuele verdeling van de rustpensioenen voor ambtenaren volgens de reden van pensionering en per ingangsjaar voor de periode 2015-2019.

  Reden van de pensionering
Ingangsjaar Leeftijdsgrens Vervroegd op aanvraag Uitgesteld Lichamelijke ongeschiktheid Ambtshalve Andere
2015 13,84 % 66,24 % 6,31 % 13,34 % 0,07 % 0,21 %
2016 15,59 % 63,92 % 6,56 % 13,12 % 0,15 % 0,66 %
2017 18,33 % 57,54 % 7,13 % 14,60 % 0,41 % 1,98 %
2018 16,42 % 60,62 % 8,60 % 13,73 % 0,21 % 0,42 %
2019 18,35 % 54,82 % 12,32 % 13,93 % 0,10 % 0,47 %

Redenen voor de pensionering:

  • Pensioen wegens leeftijdsgrens: de ambtenaar heeft de leeftijd bereikt waarboven hij statutair niet meer in dienst kan blijven.
  • Vervroegd pensioen: onder bepaalde voorwaarden kon de ambtenaar zijn pensioen vóór de wettelijke leeftijd opnemen. Deze voorwaarden zijn veranderd door de hervorming van 28.12.2011. Vóór de hervorming kon de ambtenaar die in 2012 de leeftijd van 60 jaar had bereikt en die minstens 5 jaar dienst had, waarvan minstens 1 dag aanneembare dienst na 31.12.1976, vervroegd met pensioen gaan. Raadpleeg de nieuwe voorwaarden na de hervorming op onze pagina Vervroegd pensioen.
  • Uitgesteld pensioen: de ambtenaar die zijn loopbaan bij de overheid stopgezet heeft om een andere activiteit uit te oefenen en die op de pensioengerechtigde leeftijd zijn overheidspensioen aanvraagt.
  • Pensioen wegens lichamelijke ongeschiktheid: de ambtenaar die door de medische dienst tijdelijk of definitief als ongeschikt beschouwd wordt.
  • Ambtshalve: de ambtenaar die vanaf de leeftijd van 60 jaar meer dan 365 dagen afwezig is wegens ziekte.

 

Procentuele verdeling van nieuwe rustpensioenen voor ambtenaren volgens de leeftijd bij de oppensioenstelling voor de periode 2015-2019

De volgende tabel geeft een overzicht van de procentuele verdeling van de nieuwe rustpensioenen (inclusief arbeidsongeschiktheid) volgens de leeftijd bij de oppensioenstelling en per ingangsjaar voor de periode 2015-2019.

  Leeftijd bij oppensioenstelling
INGANGSJAAR VAN HET RUSTPENSIOEN   < 60 60 61 62 63 64 65 > 65
2015 22,22 % 48,22 % 6,63 % 4,98 % 3,38 % 2,48 % 10,91 % 1,17 %
2016 23,00 % 41,63 % 8,94 % 7,07 % 3,64 % 2,55 % 11,49 % 1,67 %
2017 25,28 % 32,12 % 9,85 % 9,76 % 3,97 % 3,03 % 13,00 % 2,99 %
2018 21,67 % 27,87 % 18,85 % 8,21 % 4,44 % 2,83 % 14,44 % 1,69 %
2019 21,19 % 20,30 % 16,39 % 12,60 % 6,69 % 3,54 % 16,78 % 2,51 %

Grafiek verdeling van de nieuwe rustpensioenen - ambtenaren - volgens de leeftijd op het moment van pensionering

We stellen vast dat voor de periode 2015-2019 de pensioenleeftijd jaarlijks opgetrokken wordt als gevolg van de nieuwe pensioenhervorming, behalve voor de pensioenen wegens lichamelijke ongeschiktheid.

De oppensioenstelling voor de leeftijd van 60 jaar is mogelijk:

  • wegens definitieve lichamelijke ongeschiktheid (beslissing van MEDEX);
  • overeenkomstig de preferentiële voorwaarden van de pensioengerechtigde leeftijd in bepaalde sectoren.