Ga naar hoofdinhoud

Lancering raming vroegste pensioendatum voor 60-plussers op mypension.be: toelichting

De raming van de vroegste pensioendatum wordt terug gelanceerd op mypension.be voor 60-plussers. Omdat we weten dat veel burgers hun ‘oude’ raming op basis van de vorige regels hebben bijgehouden, zetten we even op een rijtje wat de verschillende situaties kunnen zijn en waarom.

Maar eerst herhalen we nog even de regels van het vervroegd pensioen en de manier waarop mypension.be hiermee werkt bij het maken van de raming van de vroegste pensioendatum.

Regels vervroegd pensioen

De vroegste pensioendatum wordt bepaald door een combinatie van leeftijds- en loopbaanvoorwaarden.

Minimumleeftijd en bijhorende loopbaanduur op de datum waarop u vervroegd met pensioen kan gaan:

  • 60 jaar en 44 loopbaanjaren
  • 61 jaar en 43 loopbaanjaren
  • 62 jaar en 43 loopbaanjaren
  • 63 jaar en 42 loopbaanjaren
  • 64 jaar en 42 loopbaanjaren
  • 65 jaar en 42 loopbaanjaren

Met de Arizona-hervorming verandert de loopbaanvoorwaarde:

  • Niet in het aantal jaren die je moet bewijzen
  • Wel in het aantal dagen per jaar die je moet bewijzen, namelijk 156 dagen per jaar (ipv de vroegere 104 dagen per jaar)

De hervorming voorziet ook nog in:

  • Een uitzondering voor het eerste loopbaanjaar dat nog altijd 104 dagen mag tellen
  • 5 reservedagen om jaren aan te vullen die uitzonderlijk net niet de grens van 156 dagen bereiken
  • Balansdagen voor burgers die halftijds hebben gewerkt in wisselende uurroosters

Tot slot en niet onbelangrijk wordt er vanaf 1/1/2027 ook een nieuwe optie van vervroegd pensioen ingevoerd namelijk vanaf de leeftijd van 60 jaar na een loopbaan van minstens 42 jaar van elk minstens 234 effectief gewerkte dagen. Voor deze nieuwe optie telt maar een zeer beperkte selectie van gelijkstelde dagen mee. Meer info op www.pensioenhervorming.beOpent in een nieuw venster.

Zelfde regels, andere invulling dan vandaag, voor specifieke groepen ambtenaren

Ambtenaren vallen onder dezelfde regels op vlak van vervroegd pensioen zoals hierboven beschreven. Maar voor specifieke groepen van ambtenaren verandert de hervorming vanaf 2027 de manier waarop de loopbaan in rekening wordt gebracht om na te gaan of voldaan is aan de voorwaarden voor vervroegd pensioen.

Dit is zo voor ambtenaren die hun verhogingscoëfficiënt zien wegvallen of verminderen.

Door de verhogingscoëfficiënt telt elk jaar voor meer dan een jaar mee voor het vervroegd pensioen. Dit heeft tot gevolg dat deze groepen ambtenaren vroeger voldoen aan de voorwaarden voor het vervroegd pensioen. Wie bijvoorbeeld 40 jaar heeft gewerkt, heeft met een verhogingscoëfficiënt van 1,05 al 42 loopbaanjaren (40 x 1,05) opgebouwd. Met het wegvallen van de verhogingscoëfficiënt valt dan ook dit voordeel weg. Voor de groepen waarvoor de verhogingscoëfficiënt behouden blijft maar gradueel vermindert, wordt het voordeel kleiner.

Vanaf 2027 valt de verhogingscoëfficiënt weg voor zo goed als alle ambtenaren. Alleen voor het onderwijspersoneel (exclusief hoger onderwijs), actieve diensten, brandweer en politie zal de verhogingscoëfficiënt gradueel verminderen van 1,05 naar 1,025 in 2031.

Voor bepaalde verlofstelsels verandert de gelijkstelling voor het vervroegd pensioen voor periodes vanaf 2027. Deze periodes tellen niet meer mee voor de loopbaanvoorwaarde vervroegd pensioen. Als een ambtenaar in zo’n verlofstelsel zit en blijft zitten, zal dit ook een impact hebben op zijn vroegste pensioendatum.

Nieuwe regels voor militairen en rijdend personeel van HR-Rail

Tot op vandaag hadden militairen en het rijdend personeel van HR-Rail een preferentiële pensioenleeftijd van respectievelijk 56 en 55 jaar. Vanaf 2027 verhoogt deze gradueel, met als einddoel dat ook militairen (geboortejaar 1981 en later) en het rijdend personeel van HR-rail (vanaf 1/2/2038) onder de algemene regels vallen op vlak van het vervroegd pensioen.

Overgangsmaatregel voor burgers geboren in 1966 of vroeger

Voor burgers die zeer dicht bij hun pensioen staan, zijn er overgangsmaatregelen voorzien om het potentiële effect van de nieuwe pensioenregels te temperen.

  • Burgers geboren vóór 1966 (61 jaar of ouder in 2026) zullen maximum één jaar later met pensioen kunnen gaan dan vóór de hervorming.
  • Burgers geboren in 1966 (60 jaar in 2026) zullen maximum 2 jaar later met pensioen kunnen gaan dan vóór de hervorming.

Burgers die al in 2026 (of eerder) voldoen aan de voorwaarden vervroegd pensioen, behouden hun recht op vervroegd pensioen, ook bij een pensionering na 2026. Deze groep ziet ook nog altijd de vroegste pensioendatum en het pensioenbedrag op mypension.be volgens de oude regels.

Hoe werkt de raming op mypension.be?

Om de burger op mypension.be een zicht te kunnen geven op wanneer hij met pensioen kan gaan, moeten we de bovenstaande regels toepassen op de loopbaan die de burger:

  • tot nu toe gepresteerd heeft (het verleden dus);
  • nog moet presteren (de toekomst dus).

Omdat we natuurlijk niet weten wat er allemaal in de toekomst gebeurt, nemen we de standaardassumptie dat de burger de laatste gekende situatie verderzet in de toekomst en dit tot aan de vroegste pensioendatum.

We ‘extrapoleren’ dus de situatie van ‘vandaag’ naar de toekomst.

Bijvoorbeeld: als de burger in het laatste gekende volledige jaar minder dan 156 dagen werkte, zullen we dit resultaat ook doortrekken naar de toekomst én zal dit een impact hebben op de raming van de vroegste pensioendatum.

De ‘basis’ die we gebruiken om de toekomst te voorspellen voor de raming op mypension.be kan wijzigen bij elke periodieke update van de loopbaangegevens. Het verleden kan ook wijzigen als ontbrekende loopbaangegevens worden aangevuld in de loopbaan.

Vanaf vandaag toont mypension.be opnieuw de raming van de vroegste pensioendatum voor de burgers vanaf 60 jaar en past in de berekening al de bovenstaande regels toe die vanaf 2027 gelden. Het eindresultaat is afhankelijk van de precieze details van elke individuele loopbaan.

mypension.be toont de vroegste pensioendatum, maar geeft vandaag nog geen details over hoe de pensioendatum precies werd bepaald. In de onderstaande voorbeelden doen we dit wel om duidelijk te maken hoe de verschillende regels inzake vervroegd pensioen op elkaar inwerken en samen tot een specifiek eindresultaat leiden.

Drie scenario’s mogelijk voor de nieuwe vroegste pensioendatum: hetzelfde gebleven, vervroegd of uitgesteld

De raming van de vroegste pensioendatum op mypension.be houdt rekening met al deze regels. Het toepassen van de regels kan, in vergelijking met de raming op basis van de vorige regels, zorgen voor:

We overlopen de drie verschillende situaties en hun belangrijkste verklaringen.

We veronderstellen hierbij dat er geen nieuwe loopbaangegevens zijn toegevoegd op de pensioenloopbaan tussen het consulteren van de oude raming pre-hervorming en de nieuwe raming post-hervorming. Wijzigingen in de loopbaan kunnen altijd – los van de hervorming - een impact hebben op de raming van de vroegste pensioendatum in mypension.be.

Mijn vroegste pensioendatum is nog altijd dezelfde

Het is niet omdat de regels rond het vervroegd pensioen veranderen dat het resultaat, de vroegste pensioendatum waarop de burger met pensioen kan gaan, ook effectief voor iedereen verandert. In verschillende situaties is de vroegste pensioendatum voor én na hervorming dezelfde. We lijsten hier de belangrijkste 3 op:

  1. Vroegste pensioendatum in 2026 (of eerder) – garantie op vervroegd pensioen
  2. Geen vervroegd pensioen mogelijk – ten vroegste met pensioen op de wettelijke pensioendatum
  3. Geen negatieve impact door de hervorming
     
  1. De vroegste pensioendatum verandert niet voor burgers met een pensioendatum in 2026 (of eerder). Voor deze groep is er immers geen impact van de pensioenhervorming. Zij zien nog altijd hun pensioendatum en pensioenbedrag op basis van de oude regels.
     
  2. Ook voor burgers die voor de hervorming geen vroegste pensioendatum hadden omdat ze onder de oude regels niet voldeden aan de voorwaarden vervroegd pensioen, verandert de pensioendatum niet. Omdat de regels nu verstrengd zijn, zullen ze ook onder de nieuwe regels niet voldoen aan de voorwaarden vervroegd pensioen. Zij kunnen met pensioen op de wettelijke pensioendatum van 66 of 67 jaar. De wettelijke pensioendatum is immers niet gewijzigd door de pensioenhervorming.
     
  3. De vroegste pensioendatum verandert ook niet voor de burgers die na de toepassing van de regels nog altijd hetzelfde aantal loopbaanjaren hebben die meetellen voor het vervroegd pensioen. Met andere woorden:
    • hun eerste loopbaanjaar telt minstens 104 dagen
    • alle andere loopbaanjaren tellen minstens 156 dagen
      • eventueel na het toepassen van de 5 reservedagen en de balansdagen bij halftijds werk in wisselende uurroosters.
         

Bijkomend: Zij voldoen al aan het aantal loopbaanjaren, maar hebben nog niet de volle leeftijd bereikt om met vervroegd pensioen te gaan.

Ze kunnen dus pas met vervroegd pensioen de maand na het bereiken van de leeftijdsvoorwaarde. Aangezien de verjaardag niet wijzigt, zal de vroegste pensioendatum in die gevallen door de hervorming niet wijzigen.

Een voorbeeld:

Rika is geboren op 14 augustus 1965 (61 jaar in 2026). Ze heeft in 2026 40 loopbaanjaren voor vervroegd pensioen en ze werkt voltijds.

  Pre-hervorming Post-hervorming
  Loopbaanvoorwaarde Leeftijdsvoorwaarde Loopbaanvoorwaarde Leeftijdsvoorwaarde
2026 40 * 104 (1/5/2026) 61 (1/9/2026) 40 * 156 (1/7/2026) 61 (1/9/2026)
2027 41 * 104 (1/5/2027) 62 (1/9/2027) 41 * 156 (1/7/2027) 62 (1/9/2027)
2028 42 * 104 (1/5/2028) 63 (1/9/2028) 42 * 156 (1/7/2028) 63 (1/9/2028)

Doordat ze na de hervorming nog altijd evenveel jaren heeft die gelden voor vervroeging, én de leeftijdsvoorwaarde bereikt na de loopbaanvoorwaarde, is Rika haar vroegste pensioendatum zowel voor als na de hervorming 1 september 2028.

Mijn vroegste pensioendatum valt vroeger dan mijn oude raming

Dit is het geval voor burgers die vanaf 2027 voldoen aan de voorwaarden van de nieuwe toegangspoort van vervroegd pensioen vanaf de leeftijd van 60 jaar na een loopbaan van minstens 42 jaar van elk minstens 234 effectief gewerkte dagen.

Een voorbeeld:

Peter is geboren op 5 maart 1966 (60 jaar in 2026). Hij heeft in 2026 41 loopbaanjaren van elk minstens 234 dagen en hij werkt voltijds.

  Pre-hervorming Post-hervorming
  Loopbaanvoorwaarde Leeftijdsvoorwaarde Loopbaanvoorwaarde Leeftijdsvoorwaarde
2026 41 * 104 (1/5/2026) 60 (1/4/2026) 41 * 234 (1/10/2026) 60 (1/4/2026)
2027 42 * 104 (1/5/2027) 61 (1/4/2027) 42 * 234 (1/10/2027) 61 (1/4/2027)
2028 43 * 104 (1/5/2028) 62 (1/4/2028)    

Doordat hij voldoet aan de voorwaarden van 42 jaar met elk jaar minstens 234 dagen gaat Peter zijn pensioendatum op mypension.be zien vervroegen van 1 mei 2028 naar 1 oktober 2027.

Mijn vroegste pensioendatum valt later dan mijn oude raming

Er zijn verschillende redenen waarom de raming van de vroegste pensioendatum na het toepassen van de nieuwe regels later ligt dan op basis van de vorige regels.

De belangrijkste reden is natuurlijk de stijging van het aantal gewerkte en gelijkgestelde dagen die nodig zijn om een loopbaanjaar te laten meetellen voor het vervroegd pensioen: van 104 naar 156 dagen.

Burgers met één of meer loopbaanjaren die minstens 104 dagen tellen, maar geen 156 dagen zullen dus potentieel hun pensioendatum zien verschuiven.

Waarom potentieel?

De impact op de raming van de vroegste pensioendatum hangt af van het aantal loopbaanjaren tussen 104 en 156 dagen dat ook na het toepassen van de 5 reservedagen en de eventuele balansdagen in periodes van halftijdse tewerkstelling niet voldoen aan de minimale 156-grens.

Specifiek voor ambtenaren is er ook een impact voor die groepen van ambtenaren die hun verhogingscoëfficiënt zien wegvallen of verminderen. Of voor ambtenaren die momenteel in een verlofstelsel zitten die voor periodes vanaf 2027 niet meer meetelt voor de voorwaarden vervroegd pensioen. Tot slot verhoogt – gradueel - de pensioenleeftijd voor militairen en het rijdend personeel van HR-Rail.

Voor 60-plussers wordt de impact van de pensioenhervorming verzacht door overgangsmaatregelen. Hun pensioendatum kan met maximum 1 jaar (ouder dan 60 jaar) of maximum 2 jaar (60 jaar) verschuiven.

 

Tot slot: mypension.be past al deze regels toe bij het maken van de raming van de vroegste pensioendatum van de burger. Het eindresultaat is afhankelijk van de precieze details van elke individuele loopbaan.

Het is dus niet mogelijk om hier een exhaustieve lijst van voorbeelden te geven. Hieronder 3 voorbeelden van veelvoorkomende situaties:

1.  Alle loopbaanjaren voldoen nog altijd aan de voorwaarde vervroegd pensioen én het laatste loopbaanjaar is nodig voor de loopbaanvoorwaarde

Dit is het geval voor burgers die na de toepassing van de regels nog altijd hetzelfde aantal loopbaanjaren hebben die meetellen voor het vervroegd pensioen. Met andere woorden:

  • hun eerste loopbaanjaar telt minstens 104 dagen
  • alle andere loopbaanjaren tellen minstens 156 dagen
    • eventueel na het toepassen van de 5 reservedagen en de balansdagen bij halftijds werk in wisselende uurroosters.

Bijkomend: zij voldoen eerder aan de leeftijdsvoorwaarde dan aan de loopbaanvoorwaarde.

Als je al voldoet aan de leeftijdsvoorwaarde, heb je het laatste loopbaanjaar nodig om te voldoen aan de loopbaanvoorwaarde. Bijgevolg moet je wachten tot het moment in het jaar dat je voldoende dagen hebt om het loopbaanjaar te laten meetellen voor vervroegd pensioen. Dit moment zal je vroegste pensioendatum bepalen.

Een voorbeeld:

Sylvia is geboren op 14 januari 1963 (63 jaar in 2026). Ze heeft in 2026 40 loopbaanjaren van elk minstens 156 dagen en ze werkt voltijds.

  Pre-hervorming Post-hervorming
  Loopbaanvoorwaarde Leeftijdsvoorwaarde Loopbaanvoorwaarde Leeftijdsvoorwaarde
2026 40 * 104 (1/5/2026) 63 (1/2/2026) 40 * 156 (1/7/2026) 63 (1/2/2026)
2027 41 * 104 (1/5/2027) 64 (1/2/2027) 41 * 156 (1/7/2027) 64 (1/2/2027)
2028 42 * 104 (1/5/2028) 65 (1/2/2028) 42 * 156 (1/7/2028) 65 (1/2/2028)

Doordat ook na de hervorming al haar loopbaanjaren meetellen voor vervroegd pensioen én ze het laatste loopbaanjaar nodig heeft om te voldoen aan de loopbaanvoorwaarde verschuift haar pensioendatum naar het moment dat ze voldoende aantal dagen heeft in het jaar om het loopbaanjaar te laten meetellen voor vervroegd pensioen. Omdat ze voltijds werkt, was dat met de 104-dagen regel 1 mei. Nu met de 156-dagen regel wordt dat dus 1 juli. Haar pensioendatum schuift dan ook lichtjes op van 1 mei 2028 naar 1 juli 2028.

2.  Minder loopbaanjaren voldoen aan de voorwaarde vervroegd pensioen maar de overgangsmaatregel voor 60-plussers moet niet worden toegepast

Een voorbeeld:

Eline is geboren op 30 november 1966 (60 jaar in 2026).

Ze heeft in 2026 in totaal 40 loopbaanjaren:

  • 38 jaar van elk minstens 156 dagen
  • 1 jaar van 153 dagen → opgetrokken met 3 reservedagen naar 156 dagen
  • 1 jaar van 120 dagen → is niet het eerste loopbaanjaar en telt dus niet meer mee voor het vervroegd pensioen

Ze werkt momenteel voltijds.

  Pre-hervorming Post-hervorming
  Loopbaanvoorwaarde Leeftijdsvoorwaarde Loopbaanvoorwaarde Leeftijdsvoorwaarde
2026 40 * 104 (1/5/2026) 60 (1/12/2026) 39 * 156 (1/7/2026) 60 (1/12/2026)
2027 41 * 104 (1/5/2027) 61 (1/12/2027) 40 * 156 (1/7/2027) 61 (1/12/2027)
2028 42 * 104 (1/5/2028) 62 (1/12/2028) 41 * 156 (1/7/2028) 62 (1/12/2028)
2029 43 * 104 (1/5/2029) 63 (1/12/2029) 42 * 156 (1/7/2029) 63 (1/12/2029)

Door de hervorming telt 1 jaar niet meer mee voor de voorwaarde vervroegd pensioen. Dus in 2026 heeft Eline 39 jaar die meetellen voor de loopbaanvoorwaarde vervroegd pensioen. Eline werkt voltijds tot aan haar pensioen. Hierdoor voldoet ze volgens de nieuwe regels op 1 december 2029 aan zowel de loopbaanvoorwaarde van 42 jaar als aan de leeftijdsvoorwaarde van 63 jaar.

Haar pensioendatum verschuift dus met 7 maanden van 1 mei naar 1 december 2029. Dit is minder dan 2 jaar waardoor de overgangsmaatregel niet moet worden toegepast.

3.  Minder loopbaanjaren voldoen aan de voorwaarde vervroegd pensioen én de overgangsmaatregel voor 60-plussers moet worden toegepast

Een voorbeeld:

Sam is geboren op 14 februari 1965 (61 jaar in 2026).

Hij heeft in 2026 in totaal 40 loopbaanjaren:

  • 35 jaar van elk minstens 156 dagen
  • 1 jaar van 155 dagen → opgetrokken met 1 reservedag naar 156 dagen
  • 1 jaar van 154 dagen → opgetrokken met 2 reservedagen naar 156 dagen
  • 3 jaar van 130 dagen → zijn niet het eerste loopbaanjaar en tellen niet meer mee voor het vervroegd pensioen
     

Hij werkt momenteel voltijds.

  Pre-hervorming Post-hervorming
  Loopbaanvoorwaarde Leeftijdsvoorwaarde Loopbaanvoorwaarde Leeftijdsvoorwaarde
2026 40 * 104 (1/5/2026) 61 (1/3/2026) 37 * 156 (1/7/2026) 61 (1/3/2026)
2027 41 * 104 (1/5/2027) 62 (1/3/2027) 38 * 156 (1/7/2027) 62 (1/3/2027)
2028 42 * 104 (1/5/2028) 63 (1/3/2028) 39 * 156 (1/7/2028) 63 (1/3/2028)
2029     40 * 156 (1/7/2029) 64 (1/3/2029)
2030     41 * 156 (1/7/2030) 65 (1/3/2030)
2031     42 * 156 (1/7/2031) 66 (1/3/2031)

Door de hervorming tellen 3 jaar niet meer mee voor de voorwaarde vervroegd pensioen. Dus in 2026 heeft Sam 37 jaar die meetellen voor de loopbaanvoorwaarde vervroegd pensioen.

Sam werkt voltijds tot aan zijn pensioen. Hierdoor voldoet hij volgens de nieuwe regels op 1 juli 2031 aan zowel de loopbaanvoorwaarde van 42 jaar als aan de leeftijdsvoorwaarde van minstens 63 jaar.

Sam zijn pensioendatum verschuift door de hervorming met méér dan 1 jaar: van 1 mei 2028 naar 1 juli 2031. Omdat hij geboren is in 1965 valt hij onder de overgangsmaatregel en dus wordt de verschuiving van zijn pensioendatum beperkt tot 1 jaar.

Sam zijn nieuwe pensioendatum is dus 1 mei 2029.