Ga naar hoofdinhoud

Pensioenhervorming van 2025–2029

Datum publicatie: 29.05.2026

De Pensioenwet werd op 28 mei 2026 gestemd en goedgekeurd en op 1 juni 2026 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad.

  • De informatie op deze pagina werd aangepast aan de informatie waarover we nu beschikken.
  • Zodra we de definitieve teksten krijgen, passen we de andere pagina's op onze website aan. 

We maken op deze pagina een onderscheid tussen de pensioenwijzigingen:

  • die voor iedereen zijn, zowel voor werknemers, voor ambtenaren als voor zelfstandigen;
  • die enkel voor werknemers zijn;
  • die enkel voor ambtenaren zijn.

Bijkomend maken we ook een onderscheid tussen de maatregelen die te maken hebben met de bepaling van de pensioendatum, de berekening van het pensioenbedrag en tenslotte, de pensioenen die al betaald worden.

Vragen?
Onder elke maatregel beantwoorden we de meest gestelde vragen.
Raadpleeg ook onze rubriek ‘Veelgestelde vragen’.
 

Impact van de hervorming op mypension.be 

Deze hervorming verandert de manier waarop uw pensioendatum en uw pensioenbedrag worden berekend. Daardoor moeten de berekeningsmotoren van mypension.be volledig worden aangepast. 

Dit betekent dat vanaf 8 juni 2026, sommige gegevens tijdelijk niet meer getoond zullen worden en dat het even kan duren voordat alle ramingen terug beschikbaar zijn.

In afwachting vindt u op mypension.be de pagina 'Wat betekent de hervorming voor mij?', waarop u informatie vindt die van toepassing is op uw situatie. 

Lees meer over de impact van de hervorming op mypension.be op www.mypensionevolueert.be.

 

Overzicht van de wijzigingen:

 

Bent u zelfstandige?

U vindt alle informatie over de hervorming van het zelfstandigenpensioen op de website van het RSVZOpent in een nieuw venster.
 

Wat wijzigt er voor iedereen (werknemer, ambtenaar én zelfstandige)?

Wijzigingen met impact op de pensioendatum:

Wijzigingen met impact op het pensioenbedrag:

Wijziging met impact op gepensioneerden:

 

Wijzigingen die uw pensioendatum kunnen beïnvloeden

Voorwaarden vervroegd pensioen – vanaf 2027

Deze maatregel werd op 28 mei 2026 gestemd en goedgekeurd en op 1 juni 2026 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad.

Tijdslijn publicatie Belgisch Staatsblad

Wat verandert niet?

  • De wettelijke pensioenleeftijd
Lees meer over de wettelijke pensioenleeftijd.

 

Geboortedatum Wettelijke pensioenleeftijd
Geboren vóór 01.01.1960 65 jaar
Geboren tussen 01.01.1960 en 31.12.1963 66 jaar
Geboren vanaf 01.01.1964 67 jaar

 

  • De vereiste loopbaanduur en leeftijd om met vervroegd pensioen te gaan
Lees meer over de vereiste loopbaanduur en leeftijd.

 

Minimumleeftijd en bijhorende loopbaanduur op de datum waarop u vervroegd met pensioen wilt gaan
60 jaar en 44 loopbaanjaren
61 jaar en 43 loopbaanjaren
62 jaar en 43 loopbaanjaren
63 jaar en 42 loopbaanjaren
64 jaar en 42 loopbaanjaren
65 jaar en 42 loopbaanjaren

 

Wat verandert er wel?

Het aantal dagen dat u per jaar nodig hebt om een jaar te laten meetellen voor de loopbaanvoorwaarde van het vervroegd pensioen:

 

Voor vroegst mogelijke ingangsdatum vanaf 1 januari 2027 tellen voor de loopbaanvoorwaarde enkel nog de loopbaanjaren mee waarin u 156 gewerkte of gelijkgestelde dagen hebt.

Door deze maatregel kan het dus zijn dat u pas later met pensioen kunt gaan.
 

Voldoet u vóór 2027 al aan de voorwaarden om vervroegd met pensioen te gaan maar stelt u het uit?

Dan heeft deze wijziging geen invloed op uw pensioendatum. 

Ook als, in dit geval, uw vroegste pensioendatum 1 januari 2027 is, heeft deze wijziging geen invloed op uw pensioendatum. U voldoet dan immers al vóór 2027 aan de voorwaarden. 

 

Zijn er jaren waarin u net geen 156 dagen hebt?

We kunnen deze jaren aanvullen met: 

Reservedagen

Jaren waarin enkele dagen ontbreken om aan de vereiste 156 dagen te komen kunnen we aanvullen met maximum 5 reservedagen in totaal.

We kunnen dus maximaal 5 jaar aanvullen met 1 dag of 1 jaar met 5 dagen.

Deze reservedagen: 

  • worden automatisch op de meest voordelige manier ingezet. U kunt dit niet zelf kiezen.
  • worden enkel gebruikt om aan de voorwaarde van 156 dagen te komen, niet om in uw eerste loopbaanjaar aan 104 dagen te komen.

Voorbeelden met reservedagen: 

Rita wordt 63 jaar in 2028, werkt deeltijds en zal dan 40 loopbaanjaren hebben met 156 dagen, 1 loopbaanjaar met 153 dagen en 1 loopbaanjaar met 154 dagen.

Om op 63 jaar met vervroegd pensioen te mogen heeft ze 42 loopbaanjaren nodig met elk 156 dagen.

We gebruiken haar 5 reservedagen als volgt:

  • 3 dagen om het jaar met 153 dagen op te trekken tot 156 dagen
  • 2 dagen om het jaar met 154 dagen op te trekken tot 156 dagen.

Zo heeft ze voldoende loopbaanjaren met 156 dagen om op 63 jaar met pensioen te gaan.

Raf wordt 63 jaar in 2028, zal dan 40 loopbaanjaren hebben met minstens 156 dagen, 1 loopbaanjaar met 152 dagen en 1 loopbaanjaar met 153 dagen.

We gebruiken zijn 5 reservedagen als volgt:

  • 3 dagen om het jaar met 153 dagen op te trekken tot 156 dagen
  • Dan blijven er maar 2 dagen over om het jaar met 152 dagen op te trekken. Dan komen we aan 154 dagen.

De 5 reservedagen zijn dus niet voldoende om aan 42 loopbaanjaren te komen en op 63 jaar met pensioen te gaan.

Balansdagen: beschermingsmaatregel voor halftijds werk met schommelende uurroosters

De regering heeft een maatregel genomen om burgers te beschermen die tijdens hun loopbaan halftijds werken met schommelende uurroosters, en die door deze schommelingen sommige jaren net minder dan 156 dagen hebben en andere jaren net iets meer.

Hoe zal dit concreet werken?

We beschouwen een jaar als halftijds gewerkt als u tussen 150 en 162 dagen hebt gewerkt.

Per aaneensluitende periode dat u halftijds werkte, bekijken we of we effectief gewerkte dagen van een jaar waarin u meer dan 156 dagen hebt, kunnen overzetten naar de jaren waarin u net geen 156 dagen hebt. Deze dagen noemen we 'balansdagen'.

Met deze balansdagen worden jaren van net meer dan 156 dagen en jaren van net minder dan 156 dagen in eenzelfde periode van halftijdse tewerkstelling in balans gebracht. 

Goed om te weten: 

  • U moet zelf niets doen. Deze beschermingsmaatregel zal automatisch toegepast worden wanneer we uw pensioendatum berekenen.
  • Net als de reservedagen worden de balansdagen automatisch op de meest voordelige manier ingezet.
  • Hebt u recht op deze beschermingsmaatregel? Dan gebruiken we eerst de balansdagen. Pas daarna gebruiken de 5 reservedagen.  

Voorbeeld met balansdagen: 

Kris heeft 2 perioden halftijds gewerkt: 

Jaren Gewerkte dagen
1980 312
1981 312
1982 157
1983 157
1984 153
1985 160
1986 153
1987 312
1988 275
1989 152
1990 159
1991 154
1992 157
1993 156
1994 130
1995 312


Per periode tellen we het aantal dagen boven de 156 dagen. Zo komen we tot: 

  • 6 dagen in de periode van 1982 tot en met 1986 (1 in 1982, 1 in 1983 en 4 in 1985)
  • 4 dagen in de periode van 1989 tot en met 1993 (3 in 1990 en 1 in 1992)

We gebruiken deze balansdagen per periode om de jaren waarin u geen 156 dagen hebt aan te vullen: 

Met de 6 balansdagen van de 1e periode kunnen we: 

  • 1984 aanvullen tot 156 met 3 dagen
  • 1986 aanvullen tot 156 met 3 dagen

Met de 4 balansdagen van de 2e periode kunnen we: 

  • 1991 aanvullen tot 156 met 2 dagen
  • 1989 aanvullen tot 154 met de resterende 2 dagen

Resultaat: 

We komen 2 balansdagen te kort om 1989 aan te vullen tot 156. 

We gaan dus 2 reservedagen toevoegen om toch aan 156 te komen. 

Door de balansdagen en de reservedagen kunnen we deze 4 jaar meetellen voor de loopbaanvoorwaarde voor het vervroegd pensioen. 

 

Uitzonderings- en overgangsmaatregelen:

  • Eerste loopbaanjaar van 104 dagen: als u een loopbaanjaar hebt met minstens 104 dagen en minder dan 156 dagen, telt dat jaar toch mee voor de berekening van uw vroegste pensioendatum, op voorwaarde dat u daarvoor geen loopbaanjaar had van 156 dagen of meer.
    Voorbeelden:
    Ana is in september 2005 voltijds beginnen werken en heeft in haar eerste loopbaanjaar 104 dagen.
    • Het jaar 2005 telt dus mee voor de berekening van haar vroegste pensioendatum.
    Matthias begon te werken in november 2005. Hij heeft 56 dagen in 2005. In 2006 werkte hij 132 dagen en vanaf 2007 werkt hij voltijds. Voor de berekening van zijn pensioendatum telt:
    • het jaar 2005 niet mee want minder dan 104 dagen.
    • Het jaar 2006 wel mee want is het eerste loopbaanjaar waarin hij minstens 104 dagen heeft.
    Milan begon te werken in 2000. Hij heeft 78 dagen in 2000, 210 dagen in 2001 en 110 dagen in 2002. Voor de berekening van zijn pensioendatum telt:
    • het jaar 2000 niet mee want minder dan 104 dagen
    • het jaar 2001 wel mee want meer dan 156 dagen
    • het jaar 2002 niet mee want heeft al een voorafgaand jaar, 2001, waarin hij meer dan 156 dagen heeft.
       
  • Voldoet u vóór 2027 al aan de voorwaarden om vervroegd met pensioen te gaan maar stelt u het uit?
    • Dan heeft deze wijziging geen invloed op uw pensioendatum. Ook de pensioenmalus geldt niet voor u. 
    • Uw eventueel rustpensioen als ambtenaar blijft, ook na 2027, berekend op de gemiddelde wedde van uw huidige referentiewedde. 
    • Opgelet: uw pensioenbedrag kan wel wijzigen door andere, nieuwe pensioenregels vanaf 2027, zoals de beperking van de gelijkgestelde perioden van werkloosheid en eindeloopbaan.
       
  • Voldoet u pas op 1 januari 2027 aan de voorwaarden om vervroegd met pensioen te gaan?
    • Dan heeft deze wijziging geen invloed op uw pensioendatum. Ook de pensioenmalus geldt niet voor u.
    • Uw eventueel rustpensioen als ambtenaar blijft, ook na 2027, berekend op de gemiddelde wedde van uw huidige referentiewedde. 
    • Opgelet: uw pensioenbedrag kan wel wijzigen door andere, nieuwe pensioenregels vanaf 2027, zoals de beperking van de gelijkgestelde perioden van werkloosheid en eindeloopbaan.
       
  • Bent u geboren vóór 1966 (60 jaar of ouder in 2025) en kunt u nog niet met pensioen gaan?
    Dan zult u maximum één jaar later met pensioen kunnen gaan dan vóór de hervorming.
     
  • Bent u geboren in 1966 (59 jaar bent in 2025)?
    Dan zult u maximum 2 jaar later met pensioen kunnen gaan dan vóór de hervorming.

Voorbeeld:

Patricia is geboren in 1964 en is dus 61 jaar in 2025.

Ze wil vervroegd met pensioen gaan in 2027, dus als ze 63 jaar is.
Om dit te kunnen doen moet ze 42 loopbaanjaren hebben van minstens 156 gewerkte of gelijkgestelde dagen.

Patricia heeft op dat moment:

  • 40 loopbaanjaren van minstens 156 gewerkte en gelijkgestelde dagen
  • én 2 loopbaanjaren van 115 gewerkte en gelijkgestelde dagen. De 5 reservedagen voldoen niet om deze jaren op te vullen tot 156 dagen.

Volgens de nieuwe regels kan ze dus niet vervroegd met pensioen gaan in 2027 want ze komt niet aan de vereiste 42 loopbaanjaren van minstens 156 gewerkte of gelijkgestelde dagen.
Ze zal die pas hebben in 2029 op 65 jaar. Dit is 2 jaar later.

Maar omdat Patricia in 2025 al 61 jaar is, geldt voor haar een overgangsmaatregel. Daardoor wordt haar pensioenleeftijd met maximaal één jaar uitgesteld in plaats van twee jaar.
Ze kan dus met pensioen gaan in 2028, op 64-jarige leeftijd.

Nieuwe mogelijkheid om vanaf 60 jaar met pensioen te gaan na een lange loopbaan met veel effectief gewerkte dagen – vanaf 2027

Deze maatregel werd op 28 mei 2026 gestemd en goedgekeurd en op 1 juni 2026 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad.

Tijdslijn publicatie Belgisch Staatsblad

Naast de bestaande voorwaarden om vervroegd met pensioen te gaan, kunt u vanaf 2027 op 60 jaar met pensioen gaan als u minstens 42 loopbaanjaren hebt met elk minstens 234 effectief gewerkte dagen.

Welke loopbaanperioden tellen mee om op 60 jaar met 42 loopbaanjaren van elk minstens 234 gewerkte dagen met pensioen te kunnen gaan?

  • Effectief gewerkte dagen
  • Tijdelijke werkloosheid (is een vorm van werkloosheid waarbij de werknemer verbonden blijft door een arbeidsovereenkomst, bvb. technische werkloosheid, wegens overmacht, ...) 
  • Moederschapsrust (zwangerschapsverlof en moederschapsverlof, inclusief borstvoedingspauzes en werkverwijdering)
  • Geboorteverlof (voor vaders en meeouders), adoptieverlof en pleegouderverlof
  • Militaire dienst
  • Dagen van lock-out
  • Dagen van uitoefening van een functie van rechter in sociale zaken of commissie toepassing sociale wetgeving
  • Dagen van voorlopige hechtenis zonder veroordeling
  • Perioden van syndicale opdracht

Andere perioden tellen niet mee.

In onze overzichtstabel ziet u per maatregel welke loopbaanperioden meetellen en niet meetellen.

De 5 reservedagen worden niet gebruikt om aan deze voorwaarden te voldoen.

De uitzondering waarbij voor het eerste loopbaanjaar 104 dagen voldoende zijn, geldt niet voor deze maatregel.

Wijzigingen die uw pensioenbedrag kunnen beïnvloeden

Pensioenmalus – vanaf 2027

Deze maatregel werd op 28 mei 2026 gestemd en goedgekeurd en op 1 juni 2026 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad.

Tijdslijn publicatie Belgisch Staatsblad

De malus is een vermindering van uw bruto pensioenbedrag als u vervroegd met pensioen gaat en niet voldoet aan bepaalde loopbaanvoorwaarden. 

Lees meer op www.pensioenmalus.be.

Stopzetting opbouw van de pensioenbonus 2024 - 2025 vanaf 31 december 2025

Tijdslijn publicatie Belgisch Staatsblad

De opbouw van de pensioenbonus 2024 – 2025 wordt op 31 december 2025 stopgezet.

Lees meer over de pensioenbonus 2024 - 2025

 

 

Nieuwe pensioenbonus vanaf 2026

Deze maatregel werd op 28 mei 2026 gestemd en goedgekeurd en op 1 juni 2026 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad.

Tijdslijn publicatie Belgisch Staatsblad

Een nieuwe pensioenbonus wordt ingevoerd met volledig nieuwe voorwaarden. U kunt deze bonus beginnen opbouwen vanaf 1 januari 2026 als uw pensioen pas ingaat in 2027 of later.

U kunt de nieuwe pensioenbonus opbouwen als u uw pensioen uitstelt tot na uw wettelijke pensioendatum, en aan de loopbaanvoorwaarden voldoet.

Lees meer op www.pensioenbonus.be 

Aanpassing perioden die meetellen voor gewaarborgd minimumpensioen

Deze maatregel werd op 28 mei 2026 gestemd en goedgekeurd en op 1 juni 2026 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad.

Tijdslijn publicatie Belgisch Staatsblad

Om recht te hebben op het gewaarborgd minimumpensioen moet u voldoen aan:

  • De basisloopbaanvoorwaarde
    én
  • een bijkomende werkvoorwaarde:
    • Als u geboren bent na 1970 moet u minstens 5 000 gewerkte of hieraan gelijkgestelde dagen kunnen aantonen.
    • Als u geboren bent vóór 1970, gelden er overgangsmaatregelen.

Ziektedagen telden tot nu toe slechts gedeeltelijk mee voor de werkvoorwaarde van het minimumpensioen.

De huidige regering is overeengekomen dat vanaf 2026:  

  • afwezigheidsperioden voor medische redenen:
    • volledig worden gelijkgesteld met gewerkte dagen;
    • en dus volledig meetellen voor de werkvoorwaarde van 5 000 gewerkte dagen.
  • volgende perioden ook gelijkgesteld worden voor de werkvoorwaarde van het gewaarborgd minimumpensioen:
    • Militaire dienst
    • Dagen van lock-out
    • Dagen van uitoefening van een functie van rechter in sociale zaken of commissie toepassing sociale wetgeving
    • Perioden van syndicale opdracht
    • Dagen van voorlopige hechtenis zonder veroordeling

Wijzigingen die uw pensioenbedrag kunnen beïnvloeden na uw pensionering

Indexering

Aanpassing van de toepassing van de indexering

Tijdslijn publicatie Belgisch Staatsblad

Vanaf 1 juli 2025 wordt uw pensioen geïndexeerd 3 maanden nadat de spilindex overschreden wordt.

Voorbeeld: als de spilindex wordt overschreden in september 2025, dan zal uw pensioen pas in december 2025 geïndexeerd worden.

De indexering van hogere pensioenen wordt tijdelijk aangepast

Tijdslijn publicatie Belgisch Staatsblad

Bij een overschrijding van de spilindex tussen 1 juli 2025 en 31 december 2029 wordt:

  • de indexering van de hoogste wettelijke pensioenen beperkt. Dit betekent dat:
    • als uw totaal pensioen lager is dan 5 182,64 euro bruto, u een index krijgt van 2 %.
    • als uw totaal pensioen tussen 5 182,64 euro en 5 250 euro bruto ligt, u een index krijgt, beperkt tot 5 286,17 euro bruto.
    • als uw totaal pensioen 5 250 euro bruto of hoger is, u een forfaitaire verhoging krijgt van 36,17 euro bruto.
    De gehanteerde grensbedragen evolueren mee met de index.
  • het absoluut maximumbedrag niet meer geïndexeerd.

Lees meer over de indexering.

Centenindex

Deze maatregel werd op 28 mei 2026 gestemd en goedgekeurd en op 1 juni 2026 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad.

Tijdslijn publicatie Belgisch Staatsblad

Met deze maatregel wordt de verhoging van pensioenen boven 2 000 euro bruto bij 2 indexverhogingen beperkt tot maximum 40 euro bruto per maand. 

Lees meer over de indexering.

Absoluut maximum

Tijdslijn publicatie Belgisch Staatsblad

Als u een ambtenarenpensioen ontvangt, of een aanvullend pensioen van een werkgever dat beschouwd wordt als publieke sector, mag het totaalbedrag van uw pensioenen het absoluut maximum van 8 290 euro bruto niet overschrijden.

Om te bepalen of dit plafond overschreden werd, hielden we enkel rekening met uw Belgische pensioenen.

Sinds 1 juli 2025 moeten we eveneens rekening houden met buitenlandse, internationale en supranationale pensioenen.

Lees meer over het absoluut maximum

Wat wijzigt er specifiek voor de werknemerspensioenen?

Wijzigingen met impact op het pensioenbedrag:

Beperkt fictief loon voor perioden van werkloosheid en eindeloopbaan vanaf 01.02.2025

Opgelet: Deze maatregel werd op 29 januari 2026 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad.

We passen de informatie op onze website zo snel mogelijk aan.

Tijdslijn publicatie Belgisch Staatsblad

Voor alle gelijkgestelde perioden die meetellen voor de berekening van het pensioenbedrag, gebruiken we een fictief loon.

Voor pensioenen die ingaan in 2027 of later, wordt voor gelijkgestelde perioden van werkloosheid en eindeloopbaan vanaf 1 februari 2025 het fictief loon beperkt tot het minimum loonplafond. Hierdoor zullen deze perioden minder pensioen opbrengen.

Uitzonderingen en overgangsmaatregelen:

  • Volgende perioden blijven wel berekend op basis van het fictief loon:
    • Tijdelijke werkloosheid (is een vorm van werkloosheid waarbij de werknemer verbonden blijft door een arbeidsovereenkomst, bvb. technische werkloosheid, wegens overmacht, ...);
    • Occasionele werkloosheid voor havenarbeiders, vissorteerders, vislossers, zeevissers;
    • Occasionele werkloosheid voor kunstwerkers;
    • Landingsbanen, op voorwaarde dat u uw pensioen pas op de wettelijke pensioenleeftijd of later neemt;
  • Voor landingsbanen of SWT die ingegaan zijn of een aanvraag deden vóór 1 februari 2025 verandert er niets. Lees meer over de invloed op uw werknemerspensioen. . 

Beperking van de gelijkgestelde perioden van werkloosheid en eindeloopbaan voor de berekening van het pensioenbedrag

Opgelet: Deze wet werd op 31 juli 2026 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad. Ze treedt in werking op 1 juli 2027.
We passen de informatie op onze website zo snel mogelijk aan.

Tijdslijn publicatie Belgisch Staatsblad

De regering wil perioden van werkloosheid en eindeloopbaan beperken voor de berekening van het rust- en overlevingspensioen werknemer en de overgangsuitkering.

Wat betekent dit voor mijn pensioen?

Perioden van werkloosheid en eindeloopbaan zullen maar tot een bepaald percentage van uw volledige loopbaan meetellen voor de berekening van uw pensioenbedrag. 

Het percentage dat op u van toepassing is hangt af van: 

  • uw geboortejaar voor een rustpensioen;
  • het geboortejaar van uw overleden huwelijkspartner voor een overlevingspensioen of overgangsuitkering.  

Dit percentage wordt geleidelijk aan verminderd tot 20 % van uw volledige loopbaan:

Overzicht per geboortejaar

Uw geboortejaar of het geboortejaar van uw overleden huwelijkspartner Maximumpercentage werkloosheids- en eindeloopbaanperioden
1960 of vroeger 100 % 
1961 tot en met 1964 40 %
1965 35 %
1966 30 %
1967  25 %
1968 en later 20 % 

 

Overzicht van de perioden die beperkt worden en dewelke volledig meetellen voor uw pensioenbedrag

Perioden die beperkt worden voor uw pensioenbedrag Perioden die volledig blijven meetellen voor uw pensioenbedrag
Volledige werkloosheid Tijdelijke werkloosheid
SWT, brugpensioen Werkloosheid voor havenarbeiders, vissorteerders, vislossers, zeevissers, kunstwerkers
Pseudobrugpensioen (Canada Dry) Tewerkgestelde werklozen
Landingsbanen Werkloosheid met behoud van rechten (met en zonder inkomensgarantie uitkering) 

Wat valt niet onder deze beperkingsmaatregel? 
 

  • Alle andere niet-gewerkte perioden (ziekte, invaliditeit, zorgverloven, ...)
  • Echtscheidingspensioen
  • Gewaarborgd minimumpensioen

Voorbeelden:

Bruno is geboren in 1967 en heeft in totaal 13 042 dagen op zijn loopbaan: 

  • 10 000 gewerkte dagen
  • 3 042 dagen brugpensioen

Volgens zijn geboortejaar (1967) mogen werkloosheids- en eindeloopbaanperioden voor maximum 25 % van zijn totale loopbaan meetellen voor de berekening van zijn pensioenbedrag:

13 042 x 25 % = 3 261 dagen

Resultaat: alle dagen brugpensioen tellen mee voor zijn pensioenbedrag want 3 042 < 3 261. 

 

Marie is geboren in 1970 en heeft in totaal 12 480 dagen op haar loopbaan waarvan: 

  • 9 360 gewerkte dagen
  • 3 120 dagen met een werkloosheidsuitkering

Volgens haar geboortejaar (1970) mogen werkloosheids- en eindeloopbaanperioden voor maximum 20 % van haar totale loopbaan meetellen voor de berekening van haar pensioenbedrag:

12 480 x 20 % = 2 496 dagen

Resultaat: 624 dagen (3 120 - 2 496) waarin ze een werkloosheidsuitkering ontving zullen niet meetellen voor haar pensioenbedrag. 

Pensioenbescherming bij progressieve werkhervatting na arbeidsongeval of beroepsziekte vanaf 2025

Opgelet: Deze maatregel werd op 29 januari 2026 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad.

We passen de informatie op onze website zo snel mogelijk aan.

Tijdslijn publicatie Belgisch Staatsblad

Als u na een tijdelijke arbeidsongeschiktheid door een arbeidsongeval of beroepsziekte het werk progressief hervat, wordt er een bijkomende bescherming voorzien om negatieve gevolgen op de bepaling van uw pensioendatum en finale pensioenbedrag te vermijden.

Deze maatregel zal ervoor zorgen dat progressief terug starten met werken, loont voor uw latere pensioen.

Concreet:
Als u het werk geleidelijk hervat, kan uw werkelijk loon lager zijn dan vóór het arbeidsongeval of de beroepsziekte omdat u minder vakantiegeld, eindejaarspremie, … opbouwt. Om te voorkomen dat de werkhervatting een lager pensioen zou opleveren, vervangen we uw werkelijk loon door een voordeliger fictief loon. Zo ondervindt u geen nadeel als u het werk geleidelijk hervat na een arbeidsongeschiktheid.

Belangrijk: deze beschermingsmaatregel wordt enkel toegepast als u met toestemming van de raadsgeneesheer van de verzekeringsonderneming of de arts van Fedris terug aan het werk gaat.

Wat wijzigt er specifiek voor de ambtenarenpensioenen?

Sommige maatregelen zijn enkel van toepassing op specifieke groepen ambtenaren. In de komende weken zullen we deze pagina verder aanvullen en detailleren.

Wijzigingen met impact op de pensioendatum:

Wijzigingen met impact op het pensioenbedrag:

Wijziging van het pensioen wegens lichamelijke ongeschiktheid (ziektepensioen):

Wijziging met impact op gepensioneerden:

 

Wijzigingen die uw pensioendatum kunnen beïnvloeden

Verhoging pensioenleeftijd preferentiële stelsels – vanaf 2027

Deze maatregel werd op 28 mei 2026 gestemd en goedgekeurd en op 1 juni 2026 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad.

Tijdslijn - Publicatie Belgisch Staatsblad

Militairen

Vanaf 1 februari 2027 dooft de ambtshalve pensionering volgend op de 56e verjaardag uit voor militairen met een graad lager dan die van generaal-majoor of luitenant-generaal.

Deze uitdoving gebeurt geleidelijk aan volgens het geboortejaar.

U bent geboren in Ambtshalve pensionering de eerste van de maand volgend op
1971 uw 57e verjaardag
1972 uw 58e verjaardag
1973 uw 59e verjaardag
1974 uw 60e verjaardag
1975 uw 61e verjaardag
1976 uw 62e verjaardag
1977 uw 63e verjaardag
1978 uw 64e verjaardag
1979 uw 65e verjaardag
1980 uw 66e verjaardag
1981 en later Einde ambtshalve pensionering, vervroegd pensioen nadat u voldoet aan de algemene leeftijds- en loopbaanduurvoorwaarden.
! U kunt ook eerder met vervroegd pensioen als u voldoet aan de algemene leeftijds- en loopbaanvoorwaarden.

Voor militairen met een rang van generaal-majoor of luitenant-generaal gelden andere leeftijdsgrenzen.

Als u op 1 januari 2027 in dienst bent als militair of pas daarna in dienst treedt, dan telt de tijdsbonificatie van twee jaar mee om te voldoen aan de algemene leeftijds- en loopbaanvoorwaarden voor vervroegd pensioen.

De tijdsbonificatie van twee jaar geldt niet voor de opening van het recht op een uitgesteld pensioen.

 
HR Rail

Tot 2027 is vervroegd pensioen bij HR Rail mogelijk op aanvraag voor rollend personeel.

De huidige pensioenleeftijd is:

  • 55 jaar als u minstens 30 jaar als rollend personeel hebt gewerkt.
  • 60 jaar min één maand per semester dat u als rollend personeel hebt gewerkt op voorwaarde dat u minstens 30 jaar loopbaan bewijst bij HR Rail.

Vanaf 1 februari 2027 dooft de huidige regeling uit:

Vroegste ingangsdatum volgens huidige wetgeving tussen Maximum aantal bijkomende jaren
01.02.2027 en 31.01.2028 1  jaar
01.02.2028 en 31.01.2029 2 jaar
01.02.2029 en 31.01.2030 3 jaar
01.02.2030 en 31.01.2031 4 jaar
01.02.2031 en 31.01.2032 5 jaar
01.02.2032 en 31.01.2033 6 jaar
01.02.2033 en 31.01.2034 7 jaar
01.02.2034 en 31.01.2035 8 jaar
01.02.2035 en 31.01.2036 9 jaar
01.02.2036 en 31.01.2037 10 jaar
01.02.2037 en 31.01.2038 11 jaar
vanaf 01.02.2038 algemene leeftijds- en loopbaanduurvoorwaarden
! U kunt ook eerder met vervroegd pensioen als u voldoet aan de algemene leeftijds- en loopbaanvoorwaarden.

 

 Aanpassing preferentiële loopbaanbreuken en verhogingscoëfficiënt – vanaf 2027

Deze maatregel werd op 28 mei 2026 gestemd en goedgekeurd en op 1 juni 2026 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad.

Tijdslijn - Publicatie Belgisch Staatsblad

Alle preferentiële loopbaanbreuken naar 1/60

Vandaag hebben sommige ambtenaren gunstigere loopbaanbreuken voor de berekening van hun pensioen. Als u recht hebt op een voordeligere loopbaanbreuk (1/55, 1/50, 1/48, …), vermenigvuldigen we uw werkelijke loopbaan met de huidige verhogingscoëfficiënt 1,05.

Vanaf 2027 worden alle voordeligere loopbaanbreuken vervangen door 1/60 en de verhogingscoëfficiënten naar 1 gebracht.

Uitzonderingen:

  • Onderwijspersoneel, uitgezonderd hoger onderwijs
    Als u in het onderwijs werkt, wordt uw verhogingscoëfficiënt vanaf 2027 jaarlijks met 0,005 verminderd tot 1,025 in 2031. U behoudt dus een voordeel voor de berekening van uw vroegste pensioendatum.
    Deze uitzondering geldt niet voor het onderwijspersoneel in het hoger onderwijs.

  • Actieve diensten, brandweer en politie
    Als u actieve diensten presteert (onder andere postbodes, douaniers, loodsen, luchtverkeersleiders,…) of u werkt als brandweerman die rechtstreeks deelneemt aan de brandbestrijding of in het operationeel kader van de politie, dan wordt uw verhogingscoëfficiënt vanaf 2027 jaarlijks met 0,005 verminderd tot 1,025 in 2031. U behoudt dus een voordeel voor de berekening van uw vroegste pensioendatum.

Voorbeeld:

  • An werkt haar volledige loopbaan als leerkracht in het lager onderwijs. Haar vroegst mogelijke ingangsdatum ligt na 2031.
    • Voor de diensten die ze presteert tot en met 2026 blijft de gunstige loopbaanbreuk 1/55 gelden voor de berekening van haar pensioenbedrag.
      Voor de diensten vanaf 1 januari 2027 geldt de standaard loopbaanbreuk 1/60 voor de berekening van haar pensioenbedrag.
    • Voor al haar diensten, voor én na 1 januari 2027 is dezelfde verhogingscoëfficiënt van toepassing, namelijk 1,025.
      Elk volledig jaar als leerkracht telt dus mee voor 12,30 maanden in plaats van 12 maanden voor de berekening van de vroegst mogelijke ingangsdatum van haar pensioen.

  • Jan werkt zijn volledige loopbaan als lector in het hoger onderwijs. Zijn vroegst mogelijke ingangsdatum ligt na 2031.
    • Voor de diensten die hij presteert tot en met 2026 blijft de loopbaanbreuk 1/48 gelden voor de berekening van zijn pensioenbedrag.
      Voor de diensten vanaf 1 januari 2027 geldt de standaard loopbaanbreuk 1/60 voor de berekening van zijn pensioenbedrag.
    • Voor al zijn diensten, voor én na 1 januari 2027 is dezelfde verhogingscoëfficiënt van toepassing, namelijk 1.
      Elk volledig jaar als lector telt dus mee voor 12 maanden voor de berekening van de vroegst mogelijke ingangsdatum zijn pensioen.

 

Beperking van de aanneembaarheid van niet-gewerkte perioden – vanaf 2027

Deze maatregel werd op 28 mei 2026 gestemd en goedgekeurd en op 1 juni 2026 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad.

Tijdslijn - Publicatie Belgisch Staatsblad

Eindeloopbaanregelingen en loopbaanonderbrekingen die u opneemt vanaf 2027 zullen slechts beperkt meetellen voor de berekening van uw pensioendatum.

  • Voor perioden opgenomen vóór 1 januari 2027 verandert er niets.
  • Thematische loopbaanonderbreking blijft ook vanaf 1 januari 2027 aanneembaar voor de berekening van het pensioen.

Eindeloopbaan

Bij bepaalde werkgevers (onderwijs, ...) bestaat de mogelijkheid van een verlof, terbeschikkingstelling of disponibiliteit voorafgaand aan pensioen. In deze periode, direct voorafgaand aan uw pensioen, kunt u als ambtenaar uw activiteiten verminderen of stopzetten terwijl u een deel van uw salaris of een wachtgeld blijft ontvangen.

Vanaf 1 januari 2027, kunnen deze perioden van eindeloopbaan voor maximum 24 maanden (dus 2 jaar) meetellen voor uw pensioen. Het maakt daarbij niet uit of u deze eindeloopbaanregeling voltijds of deeltijds opneemt.

Gebruikt u een eindeloopbaanregeling langer dan 24 maanden? Dan kan dit een invloed hebben op de vroegst mogelijke ingangsdatum van uw pensioen.

Overgangsmaatregelen eindeloopbaan:

Bent u op 31 januari 2025 al in een eindeloopbaanregeling?

Dan is deze maatregel niet op u van toepassing. U kunt met pensioen gaan op de voorziene datum en uw pensioenbedrag zal berekend worden aan de huidige regels.

Hebt u uw aanvraag voor een eindeloopbaanregeling ingediend vóór 1 februari 2025 om in te gaan vóór 1 januari 2026?

Dan is deze maatregel niet op u van toepassing. U kunt met pensioen gaan op de voorziene datum en uw pensioenbedrag zal berekend worden aan de huidige regels.

Hebt u uw aanvraag voor een eindeloopbaanregeling ingediend tussen 1 februari 2025 en vóór de publicatie van deze wetgeving in het Belgisch Staatsblad?

Dan verandert deze maatregel niets aan uw vastgestelde pensioendatum. De andere maatregelen die wijzigingen voorzien aan de berekening van het pensioenbedrag zijn wel op u van toepassing.

Loopbaanonderbreking

Loopbaanonderbreking die u neemt vanaf 1 januari 2027 is enkel nog aanneembaar voor uw pensioen als het gaat om het eindeloopbaanstelsel van de RVA vanaf 60 jaar.
Andere vormen van loopbaanonderbreking, uitgezonderd thematische loopbaanonderbreking, tellen vanaf 1 januari 2027 niet langer mee voor uw pensioen.

Neemt u een loopbaanonderbreking eindeloopbaan vanaf 60 jaar, dan is er dus geen invloed op de vroegst mogelijke ingangsdatum van uw pensioen. Er kan wel een invloed zijn op uw pensioenbedrag. De genomen loopbaanonderbreking komt namelijk enkel in aanmerking voor de berekening van het pensioenbedrag als er een bijdrage van 7,5 % wordt betaald als validatie.

Andere afwezigheden

Vanaf 1 januari 2027 tellen andere vormen van afwezigheid enkel nog mee voor uw pensioen als het gaat om zorgverlof of opleidingsverlof. Deze perioden tellen mee voor maximum 24 maanden voltijds. Neemt u het verlof bijvoorbeeld halftijds, dan kunnen er maximum 48 maanden meetellen.

Alle andere vormen van afwezigheid die u neemt vanaf 1 januari 2027, zonder zorg- of opleidingsmotief, tellen niet meer mee voor uw pensioen. Dit is ook zo als u nu al een loopbaanonderbreking of verlofstelsel zonder zorg- of opleidingsmotief neemt en dit nog doorloopt na 1 januari 2027. De perioden vanaf 2027 tellen niet langer mee voor het pensioen.

 
Wijzigingen die uw pensioenbedrag kunnen beïnvloeden

Verlenging termijn referentiewedde – vanaf 2027

Deze maatregel werd op 28 mei 2026 gestemd en goedgekeurd en op 1 juni 2026 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad.

Tijdslijn - Publicatie Belgisch Staatsblad

Vandaag wordt het ambtenarenpensioen berekend op basis van de referentiewedde die gelijk is aan de gemiddelde wedde van de laatste 10 jaar van de loopbaan.

Voor de rustpensioenen die ingaan in 2027 en later wordt het aantal jaren waarop de referentiewedde wordt berekend stelselmatig opgetrokken. Op die manier zal het ambtenarenpensioen geleidelijk aan berekend worden op 45 jaar, net zoals het werknemerspensioen.

Werkte u minder dan 45 jaar, of minder dan het aantal jaren dat vermeld wordt bij uw geboortejaar in onderstaande als ambtenaar? Dan wordt uw volledige loopbaan als ambtenaar genomen.

De uitzondering voor personen geboren vóór 1 januari 1962 blijft behouden. Voor deze groep wordt de referentiewedde berekend op de gemiddelde wedde van de laatste 5 jaar.

Kunt u ten laatste 1 januari 2027 met vervroegd pensioen? Dan blijft de referentiewedde, ook als u uw pensioen uitstelt tot 2027 of later, berekend op de gemiddelde wedde van uw huidige referentieperiode.

Overzichtstabel:

Geboortejaar Referentieperiode voor ambtenaren
1961 of vroeger 5 jaar
1962 10 jaar
1963 11 jaar
1964 12 jaar
1965 13 jaar
1966 14 jaar
1967 15 jaar
1968 16 jaar
1969 17 jaar
1970 18 jaar
1971 19 jaar
1972 20 jaar
1973 21 jaar
1974 22 jaar
1975 23 jaar
1976 24 jaar
1977 25 jaar
1978 26 jaar
1979 27 jaar
1980 28 jaar
1981 29 jaar
1982 30 jaar
1983 31 jaar
1984 32 jaar
1985 33 jaar
1986 34 jaar
1987 35 jaar
1988 36 jaar
1989 37 jaar
1990 38 jaar
1991 39 jaar
1992 40 jaar
1993 41 jaar
1994 42 jaar
1995 43 jaar
1996 44 jaar
1997 of later 45 jaar

 

Beëindigt u uw loopbaan als vastbenoemd ambtenaar bij HR Rail? Dan is onderstaande tabel op u van toepassing. 

Kunt u ten laatste 1 januari 2027 met vervroegd pensioen? Dan blijft de referentiewedde, ook als u uw pensioen uitstelt tot 2027 of later, berekend op de gemiddelde wedde van uw huidige referentieperiode. 

Geboortejaar Referentieperiode HR Rail
1961 of vroeger 1 maand
1962 - 1970 4 jaar
1971 5 jaar
1972 6 jaar
1973 8 jaar
1974 9 jaar
1975 10 jaar
1976 11 jaar
1977 12 jaar
1978 14 jaar
1979 15 jaar
1980 16 jaar
1981 17 jaar
1982 18 jaar
1983 20 jaar
1984 21 jaar
1985 22 jaar
1986 23 jaar
1987 24 jaar
1988 26 jaar
1989 27 jaar
1990 28 jaar
1991 29 jaar
1992 30 jaar
1993 32 jaar
1994 33 jaar
1995 34 jaar
1996 35 jaar
1997 36 jaar
1998 38 jaar
1999 39 jaar
2000 40 jaar
2001 41 jaar
2002 42 jaar
2003 43 jaar
2004 44 jaar
2005 of later 45 jaar

 

Beëindigt u uw ambtenarenloopbaan als militair? Dan is onderstaande tabel op u van toepassing. 

Kunt u ten laatste 1 januari 2027 met vervroegd pensioen? Dan blijft de referentiewedde, ook als u uw pensioen uitstelt tot 2027 of later, berekend op de gemiddelde wedde van uw huidige referentieperiode. 

Geboortejaar Referentieperiode militairen
1961 en vroeger 5 jaar
1962 - 1970  10 jaar
1971 11 jaar
1972 12 jaar
1973 13 jaar
1974 14 jaar
1975 15 jaar
1976 16 jaar
1977 17 jaar
1978 18 jaar
1979 19 jaar
1980 20 jaar
1981 21 jaar
1982 22 jaar
1983 23 jaar
1984 24 jaar
1985 25 jaar
1986 26 jaar
1987 27 jaar
1988 28 jaar
1989 29 jaar
1990 30 jaar
1991 31 jaar
1992 32 jaar
1993 33 jaar
1994 34 jaar
1995 35 jaar
1996 36 jaar
1997 37 jaar
1998 38 jaar
1999 39 jaar
2000 40 jaar
2001 41 jaar
2002 42 jaar
2003 43 jaar
2004 44 jaar
2005 of later 45 jaar

 

 

Beperking van de aanneembaarheid van niet-gewerkte perioden – vanaf 2027

Deze maatregel werd op 28 mei 2026 gestemd en goedgekeurd en op 1 juni 2026 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad.

Tijdslijn - Publicatie Belgisch Staatsblad

Eindeloopbaanregelingen en loopbaanonderbrekingen die u opneemt vanaf 2027 zullen slechts beperkt meetellen voor de berekening van uw pensioenbedrag.

  • Voor perioden opgenomen voor 1 januari 2027 verandert er niets.
  • Thematische loopbaanonderbreking blijft ook vanaf 1 januari 2027 aanneembaar voor de berekening van het pensioen.

Eindeloopbaan

Bij bepaalde werkgevers (onderwijs, ...) bestaat de mogelijkheid van een verlof, terbeschikkingstelling of disponibiliteit voorafgaand aan pensioen. In deze periode, direct voorafgaand aan uw pensioen, kunt u als ambtenaar uw activiteiten verminderen of stopzetten terwijl u een deel van uw salaris of een wachtgeld blijft ontvangen.

Vanaf 1 januari 2027, kunnen deze perioden van eindeloopbaan voor maximum 24 maanden (dus 2 jaar) meetellen voor uw pensioen. Het maakt daarbij niet uit of u deze eindeloopbaanregeling voltijds of deeltijds opneemt.

Gebruikt u een eindeloopbaanregeling langer dan 24 maanden? Dan kan dit een invloed hebben op de vroegst mogelijke ingangsdatum van uw pensioen. Ook het bedrag van uw pensioen kan lager zijn als een deel van uw eindeloopbaanregeling niet meetelt voor uw pensioen.

Loopbaanonderbreking

Loopbaanonderbreking die u neemt vanaf 1 januari 2027, is enkel nog aanneembaar voor uw pensioen als het gaat om het eindeloopbaanstelsel van de RVA vanaf 60 jaar.
Andere vormen van loopbaanonderbreking, uitgezonderd thematische loopbaanonderbreking, tellen vanaf 1 januari 2027 niet langer mee voor het pensioen.

Neemt u een loopbaanonderbreking eindeloopbaan vanaf 60 jaar, dan is er dus geen invloed op de vroegst mogelijke ingangsdatum van uw pensioen. Er kan wel een invloed zijn op uw pensioenbedrag. De genomen loopbaanonderbreking komt namelijk enkel in aanmerking voor de berekening van het pensioenbedrag als er een bijdrage van 7,5 % wordt betaald als validatie.

Andere afwezigheden

Vanaf 1 januari 2027 tellen andere vormen van afwezigheid enkel nog mee voor uw pensioen als het gaat om zorgverlof of opleidingsverlof. Deze perioden tellen mee voor maximum 24 maanden voltijds. Neemt u het verlof bijvoorbeeld halftijds, dan kunnen er maximum 48 maanden meetellen.

Alle andere vormen van afwezigheid die u neemt vanaf 1 januari 2027, zonder zorg- of opleidingsmotief, tellen niet meer mee voor uw pensioen. Dit is ook zo als u nu al een loopbaanonderbreking of verlofstelsel zonder zorg- of opleidingsmotief neemt en dit nog doorloopt na 1 januari 2027. De perioden vanaf 2027 tellen niet langer mee voor het pensioen. Perioden die niet meetellen, hebben niet alleen een invloed op uw pensioenleeftijd, maar ook op het bedrag van uw pensioen.

 
Afschaffing gunstigere loopbaanbreuken voor diensten gepresteerd vanaf 2027

Deze maatregel werd op 28 mei 2026 gestemd en goedgekeurd en op 1 juni 2026 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad.

Tijdslijn - Publicatie Belgisch Staatsblad

Vandaag hebben sommige ambtenaren gunstigere loopbaanbreuken voor de berekening van hun pensioendatum en pensioenbedrag.

Vanaf 1 januari 2027 worden alle voordeligere loopbaanbreuken vervangen door 1/60. Dit betekent dat als u recht had op een gunstigere loopbaanbreuk dan 1/60, de diensten die u na 31 december 2026 presteert in het pensioen zullen worden verrekend aan het tantième 1/60.

De loopbaanbreuk heeft een impact op de berekening van het pensioenbedrag als ambtenaar. Enkele voorbeelden:

  • Jan werkt zijn volledige loopbaan als politieagent. Zijn vroegst mogelijke ingangsdatum ligt in 2040. Voor de diensten uitgevoerd tot en met 2026 is de loopbaanbreuk 1/50 van toepassing, de diensten worden dus gedeeld door breuk 600 (= 50 x 12). Voor diensten uitgevoerd vanaf 1 januari 2027 is er geen gunstiger loopbaanbreuk meer van toepassing, deze diensten worden gedeeld door breuk 720 (= 60 x 12).
  • An werkt haar volledige loopbaan als leerkracht. Haar vroegst mogelijke ingangsdatum ligt in 2040. Voor de diensten uitgevoerd tot en met 2026 is de loopbaanbreuk 1/55 van toepassing, de diensten worden dus gedeeld door breuk 660 (= 55 x 12). Voor diensten uitgevoerd vanaf 1 januari 2027 is er geen gunstiger loopbaanbreuk meer van toepassing, deze diensten worden gedeeld door breuk 720 (= 60 x 12).

Politieke mandatarissen

Ook voor mandatarissen (burgemeesters, schepen, OCMW-voorzitter of BCSD-voorzitter) wordt de loopbaanbreuk in de pensioenberekening aangepast vanaf 01.01.2027:

  • Voor mandaatperiodes vóór 1 januari 2012: jaarwedde x 3,75 x aantal gepresteerde volledige maanden/1200
  • Voor mandaatperiodes vanaf 1 januari 2012: jaarwedde x (3,75/180) x (aantal gepresteerde volledige maanden/12)
  • Aanpassing voor mandaatperiodes vanaf 1 januari 2027: jaarwedde x (3,75/225) x (aantal gepresteerde volledige maanden/12)

Voor mandatarissen die geboren zijn vóór 1 januari 1957 tellen alle mandaatperiodes tot en met 31 december 2026 mee op basis van de formule: jaarwedde x 3,75 x aantal gepresteerde maanden/1200.

 
Afschaffing pensioen wegens lichamelijke ongeschiktheid

Deze maatregel werd op 28 mei 2026 gestemd en goedgekeurd en op 1 juni 2026 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad.

Tijdslijn - Publicatie Belgisch Staatsblad

 

Het pensioen wegens lichamelijke ongeschiktheid wordt afschaft en er wordt overgestapt naar een verzekering voor arbeidsongeschiktheid en invaliditeit zoals in de private sector.

Lees meer op de pagina Pensioen wegens ziekte

Een tijdelijke pensionering wegens ziekte is nog mogelijk tot 1 juni 2026. Daarna is een pensionering wegens ziekte niet meer mogelijk en blijft u bij ziekte ten laste van uw werkgever.

  • Is de tijdelijke pensionering ingegaan vóór 1 januari 2025, dan kan deze maximum 24 maanden duren. Na de maximumduur volgt een definitief pensioen wegens lichamelijke ongeschiktheid.
  • Is de tijdelijke pensionering ingegaan op 1 januari 2025 of later, dan kan deze maximum 36 maanden duren. Na de maximumduur volgt een definitief pensioen wegens lichamelijke ongeschiktheid.

Er verandert niets voor u.

Uw pensioen wegens definitieve ongeschiktheid blijft verder uitbetaald zoals nu het geval is.

Er verandert niets voor u.

De regering is wel van plan om het bedrag dat u mag bijverdienen bovenop uw pensioen met supplement gewaarborgd minimum te verhogen. Dat bedrag zou hetzelfde worden als het bedrag dat geldt voor iemand die vanaf 1 januari 2025 gepensioneerd is wegens lichamelijke ongeschiktheid.

  
Stopzetting perequatie ambtenarenpensioenen

Deze maatregel werd op 28 mei 2026 gestemd en goedgekeurd en op 1 juni 2026 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad.

Tijdslijn - Publicatie Belgisch Staatsblad

De perequatie van de ambtenarenpensioenen wordt afgeschaft vanaf de maand volgend op de publicatie van de wetgeving in het Belgisch Staatsblad.

Bent u gepensioneerd en hebt u in het verleden perequaties ontvangen, dan blijft u deze behouden.

 

Veelgestelde vragen
 

We kunnen nog niet zeggen op wie de hervorming een impact zal hebben. 

Wat we wel al kunnen meedelen:

  • Als u in 2026 met pensioen gaat heeft de hervorming geen impact op uw pensioen.
  • Als u in 2026 al met pensioen kunt gaan maar het uitstelt, heeft de hervorming geen impact op uw pensioendatum en krijgt u sowieso geen malus. En als u ambtenaar bent blijft uw pensioenbedrag berekend op basis van uw huidige referentieperiode. 
  • Uw pensioenbedrag kan wel veranderen door andere nieuwe maatregelen.
  • Als u vóór 1966 geboren bent, zal u maximum 1 jaar later met pensioen kunnen gaan als de hervorming iets wijzigt aan uw pensioendatum.
  • Als u in 1966 geboren bent, zal u maximum 2 jaar later met pensioen kunnen gaan als de hervorming iets wijzigt aan uw pensioendatum. 

U kunt uw pensioen maximaal één jaar voor uw gewenste ingangsdatum aanvragen.

Belangrijk om te weten: de ingangsdatum van uw pensioen bepaalt welke wetgeving op u van toepassing is, niet de datum waarop u uw aanvraag doet.

U kunt uw aanvraag eenvoudig en snel indienen via mypension.be. Controleer eerst of al uw loopbaangegevens juist en volledig zijn. Die gegevens zijn belangrijk om uw juiste pensioendatum te bepalen.

Als u uw pensioen tijdig aanvraagt, streven we ernaar om u 4 maanden voor uw gewenste pensioendatum een beslissing te bezorgen.

Wanneer mag ik mijn pensioenbeslissing verwachten?

Als u uw pensioen minstens 9 maanden voor uw gewenste pensioendatum hebt aangevraagd, streven we ernaar om u 4 maanden voor uw pensioendatum een beslissing te sturen. Dit geldt ook als de nieuwe wetgeving nog niet gestemd is.

Uw pensioen wordt berekend op basis van de wetgeving die op dat moment geldt en dus niet op wetgeving die nog gestemd moet worden.

 

Is de pensioenbeslissing die ik ontvangen heb correct en betrouwbaar?

Ja!
Als u een pensioenbeslissing hebt ontvangen, mag u erop vertrouwen dat deze definitief is.

We gaan uw pensioen niet herberekenen op het moment dat de nieuwe wetgeving in werking treedt.

Let er wel op dat u alle nodige stappen onderneemt om uw pensioen effectief te laten starten, zoals bijvoorbeeld het invullen van het formulier 'Verklaring beroepsactiviteit en vervangingsinkomen'.

  • Dan blijven de huidige regels voor uw vroegste pensioendatum gelden. Ook als u uw pensioen uitstelt tot 2027 of later.
  • U krijgt geen malus.
  • Uw pensioen als ambtenaar blijft berekend op basis van uw huidige referteperiode.
  • Let op: Nieuwe regels vanaf 2027 kunnen wél uw pensioenbedrag beïnvloeden als u uw pensioen uitstelt, zoals de beperking van de gelijkgestelde perioden van werkloosheid en eindeloopbaan.

Dat hangt af uw situatie.

In sommige gevallen blijft uw vroegste pensioendatum 1 mei, in andere gevallen verschuift uw pensioendatum naar 1 juli. 

Vanaf 2027 telt een loopbaanjaar mee voor uw vroegste pensioendatum als:

  • het minstens 156 dagen telt;
  • behalve het eerste loopbaanjaar: daar volstaan 104 dagen. 

Wie voltijds werkt, bereikt die 156 dagen in principe rond 1 juli.

Uw vroegste pensioendatum verschuift naar 1 juli als u uw laatste jaar nodig hebt om aan de loopbaanvoorwaarden te voldoen. 

Voorbeeld: 

In januari 2027 wordt Lou 62 jaar.

Op mypension.be is haar vroegste pensioendatum nu 1 mei 2027 omdat ze dan 43 loopbaanjaren zal hebben met elk minstens 104 dagen, zoals nodig is in de huidige regelgeving: 

  • van 1985 tot en met 2026 heeft ze elk jaar 312 dagen (42 jaar)
  • in 2027 heeft ze op 1 mei 104 dagen. 

Haar vroegste pensioendatum verschuift dus van 1 mei 2027 naar 1 juli 2027 om in 2027 aan 156 dagen te komen. 

Uw vroegste pensioendatum blijft 1 mei als u uw laatste jaar enkel nodig hebt om aan de leeftijdsvoorwaarden te voldoen.

Voorbeeld: 

In 2026 is Wassim 62 jaar en heeft hij 42 loopbaanjaren met elk minstens 156 dagen. 

Hij mag met pensioen op 63 jaar omdat hij al 42 loopbaanjaren heeft. 

Zijn vroegste pensioendatum blijft 1 mei omdat hij in april 2027 63 jaar wordt. 

Hebt u een lange loopbaan met veel effectief gewerkte dagen? 

Lees dan meer over de nieuwe mogelijkheid om vanaf 60 jaar met pensioen te gaan met 42 loopbaanjaren met elk minstens 234 gewerkte dagen. 

Lees alles over de hervorming op www.pensioenhervorming.beOpent in een nieuw venster.

Dan wordt er bij de startdatum van elk pensioen afzonderlijk bekeken of er een malus moet worden toegepast. Het is dus mogelijk dat op het ene pensioen een malus wordt ingehouden en op een ander niet omdat u op dat moment wel aan de voorwaarden voldeed.

Bij halftijdse tewerkstelling zetten we de gepresteerde uren om in voltijdse dagen. Daardoor kan het zijn dat u in sommige jaren niet aan 156 dagen komt. 

Voor de loopbaanvoorwaarden van de vroegste pensioendatum en de malus kunnen we gebruik maken van reservedagen en eventueel balansdagen als u halftijds werkt met schommelende uurroosters om jaren waarin u net geen 156 dagen hebt op te vullen. 

Neen, die 5 reservedagen worden enkel gebruikt om de jaren aan te vullen waarin u net niet aan 156 dagen komt voor de voorwaarde van het vervroegd pensioen en voor de malus. 

De jaren waarin u geen 156 dagen hebt tellen: 

  • niet mee voor de bepaling van uw vroegste pensioendatum, met uitzondering van het eerste loopbaanjaar als u minstens 104 dagen hebt;
  • niet mee voor de malus en de bonus;
  • wel mee voor de berekening van uw pensioenbedrag

Voor de loopbaanvoorwaarden van de vroegste pensioendatum en de malus kunnen we gebruik maken van reservedagen en eventueel balansdagen als u halftijds werkt met schommelende uurroosters om jaren waarin u net geen 156 dagen hebt op te vullen. 

Als u nog niet met pensioen bent, kunt u de huidige bonus verder opbouwen tot en met 31 december 2025.

We bekijken automatisch of u recht hebt op een bonus zodra u uw pensioen aanvraagt.

Let op: er zit minstens 6 maanden tussen de eerste uitbetaling van uw pensioen en de betaling van uw pensioenbonus. We hebben gegevens nodig van verschillende instellingen om uw bonus correct te kunnen berekenen. Dat kost tijd.

Maar maak u geen zorgen: als u recht hebt op een bonus dan krijgt u die sowieso.

Weg van het regeerakkoord van 31 januari 2025 naar effectieve wetgeving

Op 31 januari 2025 werd het regeerakkoord afgesloten.

Lees hier het hoofdstuk over pensioenen van het regeerakkoord.

De plannen in dit regeerakkoord moeten nog verder uitgewerkt en goedgekeurd worden. Pas daarna zullen ze omgezet worden in wetgeving.

Hoe worden deze plannen omgezet in concrete wetten? Bekijk hier het traject:

weg van regeerakkoord naar effectieve wetgeving

Lees meer over de pensioenhervorming van 2021 – 2024.

Wilt u op de hoogte blijven?

'Pensioenhervorming van 2025-2029' anders uitgelegd

Onze video's

Pensioenhervorming: wat gaat er gebeuren op mypension.be?

Bekijk op YouTubeOpent in een nieuw venster